Katholiek onderwijs legt bom onder nieuwe eindtermen
Lieven Boeve. Foto: BELGA

Het katholiek onderwijs trekt naar het Grondwettelijk Hof. De grootste onderwijskoepel vraagt de opschorting van de eindtermen voor de tweede en derde graad secundair. Die werden woensdag goedgekeurd door het Vlaams Parlement.

‘Te veel en te gedetailleerd.’ Dat is sinds vorige zomer het duidelijke standpunt van Lieven Boeve, topman van Katholiek Onderwijs Vlaanderen, over de nieuwe set eindtermen. De onderwijskoepel – die een marktaandeel van 70 procent heeft in het secundair onderwijs – trekt een dag na de finale goedkeuring in het parlement naar het Grondwettelijk Hof. De Guimardstraat, waar Katholiek Onderwijs Vlaanderen gehuisvest is, vraagt om de opschorting en uiteindelijke vernietiging van de eindtermen. Dat heeft de raad van bestuur, onder leiding van bisschop Johan Bonny, beslist.

Niet alleen de koepelorganisatie Katholiek Onderwijs Vlaanderen stapt naar het Grondwettelijk Hof. Zo’n vijftig schoolbesturen in Vlaanderen vechten de nieuwe eindtermen aan. Het gaat onder meer over de Jezuïetencolleges en de Don Bosco-scholen, maar ook veel technische en kunstscholen sluiten zich aan. Ze zijn enerzijds van mening dat hun eigenheid bedreigd wordt, anderzijds zijn ze ervan overtuigd dat het pakket eindtermen te omvangrijk is.

Nu of nooit

‘De lat mag en moet hoger, dat bereiken we niet alleen, en zelfs niet in de eerste plaats via eindtermen’, reageert directeur-generaal Lieven Boeve. Hij betreurt dat de invulling van de eindtermen de voorbije jaren verschoven is. ‘De eindtermen zijn al lang geen minimumdoelen meer. Men heeft die tot in het absurde uitgebreid tot een volledig onderwijsprogramma.’

Naar het Grondwettelijk Hof stappen is voor Boeve de enige logische zet. ‘Als we het nu niet doen, dan moeten we het nooit meer doen. Onze verantwoordelijkheid is ook te groot. We kunnen niet accepteren dat leerkrachten volgend jaar met hun kop tegen de muur lopen.’

Ook oudervereniging VCOV stapt mee om de eindtermen aan te vechten. Ze heeft een dubbele motivatie. Haar eerste bezwaar is de kwaliteit van het onderwijs. ‘De eindtermen zijn voor ons veel te talrijk en veel te gedetailleerd. We vrezen dat onze kinderen van een massa zaken iets gaan weten, maar dat er geen ruimte is om ten gronde op belangrijke zaken in te gaan. We zijn ook bezorgd dat er geen marge meer is voor scholen om te differentiëren en te remediëren’, zegt algemeen voorzitter Jos Vaesen. ‘Omdat het inhoudelijk voor alle leerlingen zwaarder wordt, vrezen we ook dat sommige jongeren ontmoedigd raken en uiteindelijk afhaken.’

Voor de oudervereniging wordt ook de passieve vrijheid van onderwijs bedreigd. Dat betekent zoveel als dat de mogelijkheid om tussen scholen te kiezen, vervalt. ‘We denken dat scholen geen eigen accenten meer zullen kunnen leggen. Als er geen variatie meer is in het aanbod, valt er voor ouders niet meer te kiezen. Dan komt de vrije onderwijskeuze in het gedrang.’

Wat nu?

Het is nu aan het Hof om te bepalen wat het speelveld van de overheid is, en wat niet. Katholiek Onderwijs Vlaanderen vraagt de opschorting van de eindtermen. ‘Het Grondwettelijk Hof bepaalt in eerste instantie of de vraag terecht is. De schorsing van het decreet kan worden toegestaan als het Hof vindt dat het katholiek onderwijs ernstige argumenten ontwikkelt, kortom weleens gelijk zou kunnen hebben’, zegt expert onderwijsrecht Kurt Willems (KU Leuven).

Als de vraag tot schorsing aanvaard wordt, wordt het decreet on hold gezet. Het Hof moet dan binnen een termijn van drie maanden een uitspraak doen. Als het katholiek onderwijs gelijk krijgt, kan het decreet over de eindtermen vernietigd worden. Dat hoeft niet geheel vernietigd te worden – er kan ook een stukje van het decreet vernietigd worden. ‘De bewijslast ligt bij het katholiek onderwijs. Dat moet aantonen dat de vrijheid van onderwijs in het gedrang komt, en dat er niet genoeg onderwijstijd is om de eindtermen te behandelen’, zegt Willems.

Het katholiek onderwijs ziet zich gesterkt door het advies van de Raad van State. ‘Dat uitte in november ernstige twijfels over het decreet’, aldus Willems. De vrijheid van onderwijs is opgenomen in onze grondwet. ‘De Raad van State bevestigde nogmaals het uitgangspunt dat die vrijheid niet alleen gaat over ‘hoe’ er lesgegeven wordt, maar ook een deeltje over het ‘wat’.’

Na het advies van de Raad van State werden er nog wijzigingen aangebracht in het decreet. ‘Dé vraag is of dat voldoende is’, zegt Willems. Boeve vindt alvast dat er niets fundamenteels veranderd is. ‘Het gaat om gerommel in de marge.’ Willems neigt die redenering te volgen. ‘Als ik de politici hoorde in de commissie vorige week, kreeg ik de indruk dat er inderdaad ten gronde weinig veranderd is.’

En politiek?

De voorbije maanden leefde er heel wat zenuwachtigheid in het parlement. De dreiging om naar het Grondwettelijk Hof te stappen, vaak omschreven als een demarche, wordt door zowel coalitie als oppositie maar matig geapprecieerd.

Nu het katholiek onderwijs de move gemaakt heeft, zal niemand gerust slapen. Behalve het advies van de Raad van State, was er eerder ook al een kritisch rapport van de Vlaamse Onderwijsraad (Vlor) en de Serv, de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen. Woensdag gaven alle parlementsleden ook toe dat ze veel signalen hadden opgevangen met twijfels – hetzij in de pers, hetzij in hun mailbox. Iedereen beseft dus dat het een dubbeltje op zijn kant wordt.

Weyts: ‘gewerkt met katholiek onderwijs’

Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts reageert als volgt: ‘We kunnen het ons niet permitteren om nog meer onderwijskwaliteit te verliezen en we moeten nu streven naar méér onderwijskwaliteit. Met die doelstelling hebben 230 mensen uit het onderwijs zelf – waaronder veel mensen van Katholiek Onderwijs Vlaanderen – 2 jaar lang gewerkt aan de nieuwe eindtermen. De keuzes die gemaakt werden, werden gemaakt door mensen uit de praktijk – niet door politici. De nieuwe eindtermen zullen ook geëvalueerd worden door mensen uit de praktijk – die praktijkcommissie zal trouwens geleid worden door een directeur die uit het katholiek onderwijs komt. Het werkstuk van het onderwijsveld en de evaluatie door de praktijkcommissie verdienen een faire kans’