Laatste executie onder Trump uitgevoerd: dertien gevangenen omgebracht

De Amerikaanse overheid heeft de dertiende en laatste executie onder president Donald Trump laten uitvoeren, slechts vijf dagen voor Joe Biden de eed aflegt op woensdag.

Dustin Higgs werd ter dood veroordeeld omdat hij in 1996 de opdracht gaf voor de kidnapping en de moord op drie vrouwen. Zijn handlanger, die de vrouwen doodschoot, kreeg in een aparte rechtszaak levenslang, maar niet de doodstraf. De 48-jarige Higgs zou vrijdag om 18 uur Amerikaanse tijd door de federale overheid geëxecuteerd worden in de gevangenis Terre Haute in Indiana. De procedure liep vertraging op, maar om 1.23 uur ’s nachts werd Higgs dood verklaard.

Higgs heeft altijd ontkend dat hij opdracht heeft gegeven tot de moord. Volgens journalisten die getuige waren van zijn dood, waren dit zijn laatste woorden: ‘Ik zou graag nog zeggen dat ik een onschuldige man ben.’ Hij wuifde naar zijn familie die toekeken en zei dat hij van hen hield.

In een geschreven verklaring uitte de zus van een van zijn slachtoffers haar medeleven aan de familie van Higgs. ‘Ik ben triest voor jouw familie. Zij ervaren nu dezelfde pijn als wij ervaren hebben. Wanneer deze dag afgelopen is, zal jouw dood mijn zus en de andere slachtoffers niet terugbrengen.’

Na een ban van 17 jaar begon toenmalig minister van Justitie William Barr vorig jaar op voorstel van president Trump weer federale doodsvonnissen te voltrekken. Het gaat om de dertiende executie van de Amerikaanse overheid onder de Trump-administratie sinds vorige zomer. Sinds 1963 heeft de federale overheid slechts drie mensen geëxecuteerd.

Higgs en een andere gevangene, Cory Johnson, kregen in december covid-19, maar het Hooggerechtshof heeft woensdag een vraag van een federale rechter om uitstel afgewezen. Johnson is donderdag geëxecuteerd. Een andere gevangene, Lisa Montgomery, is woensdag geëxecuteerd.

Hoe het zover is kunnen komen: vier jaar Trump in vijf absolute dieptepunten