Coronavariant in de Kempen baart zorgen
‘Volgens een wetenschappelijke paper zou de variant besmettelijker zijn, maar het is nog te vroeg om al definitieve conclusies te trekken’, zegt Herman Goossens. Foto: rr

In verschillende Kempense gemeenten is onrust over een mogelijk besmettelijkere variant van het corona­virus.

Zestig procent meer besmettingen op zeven dagen in Wuustwezel: burgemeester Dieter Wouters (CD&V) staat voor een raadsel. ‘Hier is niets speciaals gebeurd, de mensen hebben ook niet op een andere manier Kerstmis gevierd’, zei hij op Radio 1. Ook in onder meer Duffel en Lier is er onlangs een sterke stijging van het aantal coronabesmettingen genoteerd, tegen de nationale tendens in. In Duffel en Lier gaat het voornamelijk om uitbraken in woonzorgcentra, in Wuustwezel gaat het om besmettingen in de familiale sfeer. In stalen uit de regio werd de mutatie D614 G aangetroffen, die het virus mogelijk meer besmettelijk maakt.

‘Het is te vroeg om al definitieve conclusies te trekken’, zegt microbioloog Herman Goossens daarover aan De Tijd. ‘Maar twee weken geleden werd in de wetenschappelijke publicatie Science een paper gepubliceerd over die specifieke mutatie, met als conclusie dat ze meer besmettelijkheid veroorzaakt. Deze conclusie was echter gebaseerd op laboratoriumexperimenten.’

Niet Engelse variant

Het zou in ieder geval niet gaan om de meer besmettelijke variant die in het Verenigd Koninkrijk is gevonden. In Mol, waar een uitbraak in een woonzorgcentrum ontstond die mogelijk gelinkt was aan het bezoek van een hulpsint, zou er wel sprake zijn van de mutatie D614 G. ‘Er zijn een aantal uitbraken in woonzorgcentra die zeer explosief verlopen en dat verontrust ons’, verklaarde Goossens zondagavond nog aan de VRT. ‘We gaan de komende weken heel veel sequentieonderzoek doen om te zien of die mutatie inderdaad aanwezig is bij die verschillende uitbraken. Voor de Britse variant is er veel evidentie dat hij besmettelijker is, voor deze is er nog veel onderzoek nodig.’