Ook Vlaams zorgpersoneel krijgt eenmalige consumptiecheque van 300 euro
Themabeeld. Foto: Photo News

Het personeel in de Vlaamse zorgsectoren krijgt net als hun federale collega’s een eenmalige consumptiecheque van 300 euro. Dat zijn de vakbonden en werkgevers overeengekomen na overleg over het nieuwe Vlaamse intersectorale akkoord voor de Vlaamse social profit. Daarnaast is er ook een akkoord over structurele loonsverhogingen.

De Vlaamse regering pakte in november uit met een nieuw sociaal akkoord voor het Vlaamse zorgpersoneel. De regering maakt vanaf 1 januari elk jaar 557 miljoen euro extra vrij, waarvan er 412 miljoen naar de verhoging van de koopkracht gaat. De andere 165 miljoen euro gaat naar maatregelen om de werkdruk te verlichten, zoals meer personeel.

Over de koopkrachtverhoging hebben werkgevers en vakbonden nu concrete afspraken gemaakt, laat de socialistische bediendebond BBTK weten. Naast een eenmalige consumptiecheque van 300 euro krijgen de werknemers in de ouderenzorg, revalidatiecentra, beschut wonen, psychiatrische verzorgingstehuizen, gezins- en bejaardenhulp, de kinderopvang en de sector voor personen met een beperking een structurele loonsverhoging, al is die niet overal hetzelfde.

Nieuwe functieclassificatie

In de geregionaliseerde sectoren - ouderenzorg, revalidatiecentra, beschut wonen en psychiatrische verzorgingstehuizen - gaan alle werknemers ten laatste tegen 1 juli over op een nieuwe functieclassificatie, waardoor ze dezelfde loonbarema’s zullen hebben als hun collega’s in de federale sectoren. De loonsverhoging zelf start al op 1 april, maar het bedrag van april tot juli wordt retroactief uitbetaald. Wie niet in de nieuwe functieclassificatie stapt, heeft recht op een extra premie van om en bij de 200 euro netto.

Wie in de gezins- en bejaardenhulp, de sector voor personen met een beperking of de kinderopvang werkt, maakt tegen 1 juli een eerste opstap naar de nieuwe functieclassificatie, met retroactieve loonsverhoging vanaf 1 januari. Dat betekent volgens het BBTK een koopkrachtsprong van minstens 1,7 procent voor alle werknemers, maar vooral voor wie een zorgfunctie heeft wordt maximaal werk gemaakt van een gelijktrekking met het federale niveau. In de gezins- en bejaardenhulp verdwijnt het verschil met het federale barema zo goed als helemaal voor ongeveer 95 procent van de werknemers, in de sector voor personen met een handicap gaat het om zowat 70 procent van de werknemers, zegt de socialistische vakbond.

In de socioculturele sector komt er vanaf 15 januari een verhoging van de loonmassa met 1,1 procent. Een tweede verhoging komt er in 2023.

35 jaar anciënniteit

Tot slot worden de barema’s in de Vlaamse zorgsectoren opgetrokken tot 35 jaar anciënniteit. Nu stijgen de lonen er maar tot 24 of 27 jaar anciënniteit, afhankelijk van de sector.

BBTK-secretaris Johan Van Eeghem reageert tevreden op het akkoord. ‘De werknemers hebben er lang op moeten wachten’, zegt hij in een reactie aan Belga. ‘Er worden belangrijke stappen gezet om de huidige verschillen met de federale collega’s te verkleinen.’ Tegelijkertijd benadrukt Van Eeghem dat het Vlaamse budget niet toeliet om voor alle werknemers dezelfde beweging te maken. ‘We hebben vooral gekeken naar het personeel met een effectieve zorgfunctie.’

De precieze barematabellen voor de verschillende sectoren worden de komende dagen en weken verder uitgewerkt. Tegen midden januari moeten ze beschikbaar zijn.

Wist je dat je ook zonder abonnement elke maand 3 betalende  plus-artikels kunt lezen?

Meld je aan en lees gratis ›

Vul je e-mailadres en wachtwoord in