Ook na de tweede golf van het coronavirus zullen we nog niet op groepsimmuniteit kunnen rekenen, benadrukte viroloog Steven Van Gucht tijdens de persconferentie van het Crisiscentrum.

Ruim 441.000 Belgen hebben de voorbije maanden positief getest op het nieuwe coronavirus, het werkelijke aantal landgenoten dat het virus heeft gehad zal nog veel hoger liggen. Maar groepsimmuniteit blijft ook na deze tweede golf nog steeds een verre droom, verduidelijkte viroloog Steven Van Gucht maandag op de persconferentie van het Crisiscentrum.

‘In september werden daarover de laatste data gerapporteerd, en toen bleek dat 5 tot 8 procent van de bevolking antistoffen tegen het nieuwe coronavirus in het bloed had. Logischerwijs kunnen we verwachten dat na deze tweede golf dat aantal meer dan verdubbeld zal zijn, misschien tussen de 15 tot 20 procent van de bevolking, maar het is nog steeds een kleine fractie en sowieso onvoldoende om te leiden tot groepsimmuniteit’, aldus Van Gucht.

‘Om over groepsimmuniteit te kunnen spreken, moet zeker vijftig tot zeventig procent van de mensen immuun zijn tegen het virus. Daar zitten we nog ver van.’

‘Het is geen aanvaardbare manier om het virus te controleren, toch niet op natuurlijke manier, je kan het wel proberen bereiken met een vaccin. Een zekere gedeeltelijke groepsimmuniteit kan een gelukkige bijkomstigheid zijn, maar is geen primaire doelstelling voor de controle van het virus, want dat zou veel mensenlevens kosten. We wachten dus beter op de komst van een goed vaccin’, besluit Van Gucht.

Bovendien bleek uit eerder onderzoek al dat je niet altijd immuun wordt na een besmetting. Sinds de zomer zijn er van over de hele wereld immers meldingen van herbesmettingen. Bij sommige patiënten verloopt de tweede infectie ernstiger. Dat voorspelde al weinig goeds voor een duurzame groepsimmuniteit.

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig