Moeilijk om leerkrachten te vervangen in secundair onderwijs
Foto: Katholiek Secundair Onderwijs Mosa-Rt

Hoewel meer en meer secundaire scholen kampen met besmettingen en personeelsuitval, moet een nieuwe sluiting van middelbare scholen maximaal vermeden worden. Dat hebben verschillende schooldirecteurs vrijdag gezegd in de coronacommissie van het Vlaams Parlement. De scholen dringen wel aan op meer ondersteuning en meer lokale autonomie. Ze vragen ook duidelijke communicatie en vlottere manieren om uitvallend personeel te vervangen.

Maandag luisterde de coronacommissie naar getuigenissen van directeurs uit het basisonderwijs, vrijdag kwamen verschillende directeurs uit het secundair onderwijs aan bod. De commissie hoorde Bart Schepens van het Heilig Hart uit Bree, Ludo Elsen en Eva Kuijpers van het Spectrumcollege uit Beringen en Christine Hannes van de Antwerpse GO! Spectrumschool.

Alle directeurs staan achter het beleid om de scholen maximaal open te houden. ‘Een school die open is met een betrokken leerkracht in de klas is winst voor de leerling’, zegt directeur Bart Schepens. ‘We moeten er alles aan doen om onze scholen open te houden als dat veilig kan. Niet alleen omwille van de leerresultaten, want scholen zijn niet alleen leercentra, maar ook leefcentra’, zegt ook directeur Ludo Elsen.

Ook directeur Christine Hannes staat achter die ambitie, maar voegt er wel aan toe dat men de pandemie ‘niet onder de mat mag vegen’. ‘In de rest van de samenleving is het code rood. We kunnen in het onderwijs vanuit onze bekommernis voor kwetsbare jongeren niet doen alsof er niets is.’

De schooldirecteurs hebben ook een aantal suggesties voor een betere aanpak van de coronacrisis in het onderwijs. Drie grote kwesties komen bij elk van de directeurs terug. Zo dringt men aan op soepeler regels om uitvallend personeel te vervangen. De huidige regels zijn daar te beperkend. Daarnaast vragen de directeurs duidelijke communicatie en richtlijnen ‘die niet om de haverklap wijzigen’.

Een derde rode draad is de vraag naar meer ‘lokale autonomie’ en meer maatwerk. Het onderwijslandschap is te divers om aan elke school in Vlaanderen dezelfde regels op te leggen. ‘De draaiboeken zijn te veel “one size fits all”. Ze zijn onvoldoende afgestemd op bijvoorbeeld Okan-klassen of praktijkgerichte opleidingen’, zegt Christine Hannes.

Onderwijsinspectie

Net als de directeurs uit het basisonderwijs vragen ook de directeurs van de secundaire scholen om even geen doorlichtingen te organiseren. ‘We willen ons best verantwoorden. Maar gezien de moeilijke omstandigheden zou dit de spreekwoordelijke druppel kunnen zijn’, aldus directeur Elsen.

Wat de rol van de onderwijsinspectie betreft, heeft minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA) eerder deze week al laten verstaan dat er is afgesproken dat die zich ‘constructief en ondersteunend’ zal opstellen en niet als ‘billentikker’.

De N-VA-minister liet toen ook al verstaan dat men oren heeft naar de bekommernissen rond de vervangingsregeling. Zo is er een regeling uitgewerkt voor vlotte kortetermijnvervangingen. Die regeling ‘bestaat erin dat die scholen die geen beroep meer kunnen doen op het lerarenplatform en die scholen wiens financieel potje - men heeft wel een financieel potje voor kortetermijnvervangingen - leeg is, facturen kunnen voorleggen die we pas achteraf zullen controleren. Er is dus niet veel administratieve last. Die scholen kunnen dan voor een korte termijn mensen aanwerven en concreet gaten vullen.’

Vlaams parlementslid Loes Vandromme (CD&V) stelt voor om meer flexibiliteit aan de dag te leggen om het probleem van vervangingen aan te pakken. Zij pleit voor een soort pool van mensen die een pedagogisch diploma hebben, maar die nu elders aan de slag zijn. Die mensen zouden tijdelijk ingeschakeld kunnen worden op de klasvloer.