De ontgoocheling zit diep: Romelu Lukaku gaat medaille niet ophalen na verloren finale
Foto: photo news
Bij de podiumceremonie na de Europa League-finale tussen Sevilla en Inter Milaan (3-2) ontbrak bij de verliezers elk spoor van Romelu Lukaku. Het laatste doelpunt kwam er dan ook door antiheld Lukaku: een kwartier voor het einde werkte onze landgenoot de bal ongelukkig in eigen doel. Geen eerste buitenlandse toptrofee voor de Rode Duivel. Een zuur einde van zijn meest productieve seizoen ooit. De spits van Inter Milaan was wellicht te ontgoocheld om zijn medaille op te halen.

De A van mama Adolphine gevormd met de vingers. Het duimpje in de mond voor zoontje Romeo. De goal was voor de familie. Nog geen vijf minuten duurde het of Romelu Lukaku leek de Europa League-finale tegen Sevilla al helemaal naar zijn hand te hebben gezet. Met een run die Diego Carlos in verlegenheid bracht en de arme verdediger tot een penaltyfout dwong. Door zelf de elfmeter om te zetten. Voor Lukaku zijn 34ste van het seizoen - zijn meest productieve ooit - wat meteen een evenaring was van het clubrecord dat Ronaldo in 1998 liet optekenen. Leuk detail: ook Ronaldo prikte zijn 34ste in een Europese finale tegen de netten. Eentje die Inter later met 3-0 zou winnen. Meant to be.

Alleen, Sevilla werkte niet mee. De vijfvoudige winnaar van de Europa League verloor nog nooit een Europese finale en was niet meteen van plan om dat nu wel te doen. Nog voor het kwartier hing Luuk de Jong de bordjes alweer in evenwicht na een knappe kopbal. Trouwens, wie zegt dat voetbal zonder supporters maar een emotieloze bedoening is, kreeg tijdens deze finale lik op stuk. Intensiteit, overtredingen, relletjes, discussies, geel voor Inter-coach Antonio Conte, rode kaarten die misschien niet geheel terecht op zak bleven: de sfeer in Keulen was even heet als het weer. En dan hebben we het nog niet eens over het verdere spelverloop gehad. De Jong die met een tweede kopbal - nog knapper dan de eerste - Sevilla op voorsprong zette, Diego Godin die die goal wat later alweer teniet deed. 35 minuten waren er gespeeld of Sevilla - Inter was dan al de meest gekke Europa League-finale sinds Liverpool - Deportivo Alaves een kleine twee decennia terug. 5-4, dat zat er tijdens de rust gewoon dik in.

Helaas, dat zou het uiteindelijk niet worden. Integendeel. Het spektakel was voor rust kennelijk allemaal opgebruikt. Wat na de pauze overbleef, was zenuwachtigheid, matige combinaties en een te groot besef dat een foutje het verschil tussen winst en verlies kon betekenen. Een schotje van Ashley Young, ja, dat zagen we. Maar verder vooral Spaanse angst om haar Europese finale ooit te verliezen en Italiaanse schrik om als favoriet toch niet die een eerste prijs - de vorige dateert uit 2011, de Coppa Italia - in negen jaar te behalen. Dat laatste staat niet als je jezelf een topclub noemt.

Eerste owngoal ooit

Kabbelen deed het. Tot er plots zo’n moment kwam dat alles opnieuw in brand stak. Een voorzet van Sevilla, slecht ontzet door de Milanese verdediging, Diego Carlos - de man die een match lang overlopen werd door Lukaku, hij weer - die zich met ingepakt dijbeen zowaar waagde aan een omhaal en via Inters been zijn poging zowaar in doel zag verdwijnen. Een been gebeiteld aan het lijf van Lukaku. De Rode Duivel die tien minuten daarvoor nog een opgelegde kans gemist had, werd zo plots helemaal de antiheld. Auteur van de eerste owngoal ooit in een Europa League-finale sinds de beker in 2009 van naam wisselde. De Belg die klaar was om een eerste trofee in het buitenland te pakken en zijn ploeg op voorsprong had getrapt, hield nu zijn eigen glorie tegen.

Terugkeren deed Inter immers niet meer. 3-2. Sevilla met een zesde (!) Europa League naar huis. In Milaan heeft mama Adolphine de komende dagen oplapwerk.