Het crisiscentrum waarschuwde tijdens de persconferentie woensdag dat Brussel binnen twee weken mogelijk het huidige niveau van de provincie Antwerpen zal bereiken. Verder ligt het nationaal reproductiegetal op 1,27. Dat betekent dat de epidemie nog groeit, al zijn er wel regionale verschillen, gaf viroloog Steven Van Gucht aan. Ook meldde hij dat airco’s en ventilatoren gebruikt mogen worden.

Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heeft vandaag haar eigen alarmdrempel van 50 gevallen per 100.000 inwoners overschreden. Er geldt dus vanaf vandaag een mondmaskerplicht. Op de persconferentie waarschuwde Steven Van Gucht dat als de toename in Brussel aanhoudt, het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in een tweetal weken het huidige niveau van de provincie Antwerpen zal bereiken. De grootste stijging bevindt zich momenteel immers in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Daar is het weekgemiddelde toegenomen met 57 procent.

Buiten Brussel zien we de sterkste toenames in Luik en Oost-Vlaanderen, waar elk zo’n 400 nieuwe gevallen per week worden geregistreerd.

‘In de provincie Antwerpen, waar in totaal een derde van alle besmettingen plaatsvinden, zien we daarentegen een daling van drie procent.’ Ook in Limburg en Luxemburg zijn de curves eerder in dalende lijn. Dat de cijfers de goede kant op gaan in Antwerpen, is een bewijs dat de maatregelen gewerkt hebben, klonk het.

Op nationaal niveau bedraagt het reproductiegetal, dat aangeeft hoeveel mensen een besmet persoon besmet, momenteel 1,27. Dat betekent dus dat op nationaal niveau de epidemie nog steeds groeit. Net als bij het aantal besmettingen, zijn er ook regionale verschillen wanneer het aankomt op het reproductiegetal. Daarom zal Sciensano vanaf nu dagelijks de r-waarde voor elke provincie delen. Meer informatie daarover vindt u hier.

De r-waarde voor de Belgische provincies is momenteel als volgt:

Crisiscentrum: ‘Over twee weken heeft Brussel zelfde situatie als Antwerpen’
Tabel: Sciensano

Hoog aantal dagopnames

De voorbije week werden meer dan 4.000 nieuwe gevallen in ons land vastgesteld. Dat is een toename met 12 procent in vergelijking met de week voordien. Er werden gemiddeld 604 nieuwe besmettingen per dag geregistreerd tussen 2 en 8 augustus. De week daarvoor waren dat er 538. ‘Gelukkig zien we sinds enkele dagen dat deze toename aan het afvlakken is. De exponentiële groei lijkt gebroken’, zei viroloog Steven Van Gucht.

Er werden gisteren 48 nieuwe ziekenhuisopnames geregistreerd, meldt Van Gucht. Elf daarvan in de provincie Antwerpen en twaalf in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. ‘Dit is het hoogste aantal dagopnames sinds eind mei. Dit moet er ons aan doen herinneren dat het virus nog steeds gevaarlijk is. Ook al is het duidelijk dat we vandaag nog niet dezelfde ernstige toestanden zien zoals in maart en april.’

‘In de voorbije week stierven ook gemiddeld 3,7 mensen per dag aan covid-19.’

Besmettingscijfers vs. ziekenhuiscijfers

Terwijl het gezondheidsinstituut aan het begin van de coronacrisis de focus legde op de ziekenhuiscijfers, is die nu verlegd naar de besmettingscijfers.

De viroloog verklaarde dat als volgt: ‘We beschikken momenteel over een veel uitgebreidere testcapaciteit waardoor we een veel groter deel van de ijsberg kunnen blootleggen. Het opvolgen van die besmettingscijfers laat ons veel beter toe om vroegtijdig na te gaan hoe de situatie aan het evolueren is. Daarnaast blijven we natuurlijk ook de ziekenhuiscijfers opvolgen. Dit blijft nog altijd de belangrijkste indicator om de gezondheidsimpact weer te geven. De ziekenhuiscijfers geven ons een antwoord op de vraag: “Waar staan we vandaag?”. De evolutie van de besmettingscijfers biedt eerder een antwoord op de vraag: “Waar staan we mogelijk binnen een maand?”

‘Stijgende cijfers betekenen dus niet noodzakelijk dat er zich vandaag al grote drama’s afspelen. Maar het is wel een wake-upcall om in te grijpen en te vermijden dat er zich in de toekomst opnieuw een overbelasting van het gezondheidssysteem zou kunnen voordoen.’

Airco’s en ventilatoren

Verder werd er tijdens de persconferentie meer uitleg gegeven over het veilig gebruik van airco’s en ventilatoren. Van Gucht bevestigde dat een airco gebruikt mag worden voor het afkoelen van ruimtes. ‘Dit is in het bijzonder belangrijk op plaatsen waar mensen wonen die gevoelig zijn aan de hitte, zoals bewoners van woonzorgcentra’. Hij raadt aan om de airco goed te onderhouden en die zo in te stellen dat er een deel verse lucht naar binnen wordt geblazen. ‘Er is dan weinig bijkomend risico op de verspreiding van covid-19.’

Ventilatoren kunnen ook gebruikt worden. ‘Maar gebruik deze best binnen het eigen huishouden, in je eigen bubbel. Of in een instelling bij mensen die alleen in hun kamer verblijven.’ Ook stelt Van Gucht dat bewoners van woonzorgcentra zich zeker mogen verzamelen in de koelste vertrekken. ‘In het bijzonder wanneer er in die centra de voorbije weken geen covid-19-gevallen werden vastgesteld.’

Ten slotte raadt Van Gucht aan om airco’s en ventilatoren zo in te stellen dat er geen sterke luchtstromen bestaan tussen verschillende personen. ‘Een te sterke luchtstroom kan druppels immers verder doen verspreiden.’ Een ventilator kan bijvoorbeeld op een iets lagere stand gezet worden, of naar een muur of hoek gericht worden.

Bubbel van vijf

Het ziet er volgens Van Gucht momenteel niet naar uit dat de bubbel van vijf vergroot zal worden. Hij voegde daar wel aan toe dat het in de toekomst mogelijk zal zijn om die bubbelregel een beetje te versoepelen. ‘Al is het onwaarschijnlijk dat we terug naar die 15 wisselende contacten gaan’, zei hij. ‘Het is duidelijk dat dat veel te ver ging.’