Satellietbeelden onthullen nieuwe pinguïnkolonies op Antarctica
Een afbeelding van de copernicus sentinel-2 satelliet missie op 26 augustus 2019. Volgens Britse wetenschappers zijn er meer kolonies van keizerspinguïns dan voorheen gedacht. Foto: AP

Uit satellietbeelden van het Europese ruimteagentschap ESA blijkt dat op Antarctica 20 procent meer kolonies keizerspinguïns leven dan gedacht. Wetenschappers van het British Antarctic Suvey (BAS) ontdekten elf nieuwe kolonies, toen ze beelden van de Antarctische kustlijn van de satelliet Sentinel-2 analyseerden.

De dieren zelf zijn niet te zien op de satellietbeelden, daarvoor zijn ze te klein. De kolonies werden opgemerkt door de grote vlekken op het ijs, veroorzaakt door de uitwerpselen van de dieren.

‘Dit is een spannende ontdekking’, zegt Peter Fretwell, hoofdauteur en geograaf bij het BAS, in een persbericht. ‘Dit is goed nieuws, maar de kolonies zijn klein en dus neemt de totale populatie maar toe met 5 tot 10 procent, tot iets meer dan een half miljoen pinguïns of ongeveer 265.500 tot 278.500 broedparen.’

Aan de hand van de nieuwe gegevens schatten de wetenschappers dat er op het hele continent 61 kolonies keizerspinguïns zijn. Drie van die gespotte kolonies waren eerder al geïdentificeerd, maar daar was geen bevestiging van.

Volgens ESA is het bestuderen van pinguïns via satellietbeelden extreem moeilijk, omdat de dieren leven in afgelegen en onbereikbare gebieden waar de temperaturen zakken tot min 50 graden Celsius. Keizerspinguïns zijn de enige soort pinguïn die op het zee-ijs broeden in plaats van op land. Daarom is de soort gevoelig voor klimaatverandering. Ze hebben negen maanden per jaar stabiel ijs nodig, liefst aan het land aangehecht, om te kunnen broeden.

De bevindingen van de wetenschappers zijn gepubliceerd in het wetenschappelijke magazineRemote Sensing in Ecology and Conservation.