Het reproductiegetal (R) ligt opnieuw hoger dan één. Dat noopt tot waakzaamheid.

Volgens de berekeningen van UHasselt en UAntwerpen ligt de R-waarde vandaag op 1,05. Dat betekent dat elke besmette persoon gemiddeld iets meer dan één andere besmet.

Bij een dergelijke waarde is waakzaamheid geboden. Blijft het cijfer structureel boven 1, dan is de epidemie opnieuw vertrokken.

Daarom heeft premier Sophie Wilmès (MR) op de persconferentie na de Nationale Veiligheidsraad gewaarschuwd dat het reproductiegetal opnieuw boven 1 ligt. Ze baseert zich daarvoor op het rapport van de GEES, de experts belast met de exit-strategie.

Verdere versoepelingen werden dan ook met een week uitgesteld, tot donderdag 23 juli. In tussentijd wordt uitgezocht waarom het aantal besmettingen stijgt. ‘De trend is niet goed’, aldus Wilmès. ‘Als die ook volgende week niet goed is, zullen we niet naar fase 5 (de volgende versoepelingsfase, red.) gaan.’

De vraag is hoeveel meer we over één week zullen weten. ‘Dat hangt van de evolutie af’, zegt Geert Molenberghs, professor Biostatistiek (UHasselt, KU Leuven). ‘In andere landen blijft het kabbelen, in de VS zag je het soms in één week pijlsnel stijgen. Op een week tijd kunnen we ook eventuele clusters identificeren, en nagaan of deze onder controle blijven.’

Sciensano ziet het anders

Het cijfer dat door de UHasselt en UAntwerpen berekend wordt, wijkt af van het R-getal dat Sciensano dagelijks bekendmaakt. Het wetenschappelijke instituut schat het reproductiegetal op 0,98. Sciensano maakt voor zijn schatting alleen gebruik van de ziekenhuisopnames, die blijven dalen. De universiteiten houden ook rekening met het aantal vastgestelde besmettingen.

De keuze om de berekening te maken op basis van de ziekenhuisopnames was logisch op het moment dat er relatief weinig getest werd, omdat dit de meest betrouwbare cijfers waren. ‘Maar vandaag zou Sciensano ook rekening moeten houden met de besmettingen’, aldus Molenberghs. ‘Zeker omdat we vandaag een relatief goed beeld hebben van het totale aantal besmettingen.’