Pierre Kompany over racistische uitlatingen Belgen: ‘Deze mensen moeten wakker geschud worden’
Pierre Kompany is de eerste zwarte burgemeester van België. Foto: AFP

CDH-burgemeester Pierre Kompany heeft voor het eerst gereageerd op de Belgen die mogelijk Congo worden uitgezet na racistische uitlatingen op Facebook tegen hem. ‘Ik zou niet graag in hun plaats willen zijn’, zei hij. ‘Maar zij weten ook niet wat ik onderga.’

Kompany reageerde gisterenavond op de Franstalige openbare omroep RBTF. De burgemeester van Ganshoren benadrukte dat hij als Belgische politicus niets te zeggen heeft in de Congolese politiek en dus niet geijverd heeft voor die mogelijke uitzetting. CDH-partijgenoten van Kompany hebben wel een klacht ingediend tegen onbekenden wegens berichten die aanzetten tot haat.

Racisme

‘Het probleem is dat deze heren die in Congo wonen en hun geluk daar hebben gevonden, zich amuseren met het creëren van enorme netwerken waarin ze haat verspreiden’, zei Kompany. Eerder was er sprake van drie Belgen, maar volgens hem zou het om vier mannen gaan: twee zouden in de stad Lubumbashi wonen en twee in de hoofdstad Kinshasa. Ze zouden volgens de CDH-politicus alle vier naar de hoofdstad gebracht zijn waar de Belgische ambassade ligt. Kompany weet niet of de Belgen inderdaad uit Congo zullen worden gezet. ‘Wat ik wel kan zeggen is dat ik niet graag in hun plaats zou zijn. Ik zou niet graag meemaken wat zij nu meemaken. Maar zij weten ook niet wat ik onderga. Dat is het hele probleem.’

‘Deze mensen moeten wakker geschud worden. Als ze naar hier worden gestuurd, zullen ze natuurlijk tijd hebben om na te denken. En de Congolezen zijn niet zo haatdragend’, vertelde hij. ‘Op een dag zullen ze terugkeren naar Congo, maar ik denk niet dat ze ooit nog over rassen zullen spreken.’

Kompany, die de eerste zwarte burgemeester van België is, vertelde ook over het racisme dat zijn kinderen, onder wie voetballer Vincent Kompany, en kleinkinderen meemaken. ‘We wonen in een land waar je moed moet hebben om naar de instanties te stappen.’

Belgische excuses voor de kolonisatie

De racistische uitlatingen waarin onder meer voorgesteld werd om Kompany op te zetten en in een museum te plaatsen, kwamen onder een artikel waarin hij België vraagt zich te verontschuldigen voor de kolonisatie van Congo. Hij staat nog steeds achter die oproep. Die excuses werden al langer dan een jaar geleden gevraagd door de Verenigde Naties, maar ‘daar is toen niets mee gebeurd’.

Men kan alles doen wat men wil, maar België en Congo blijven verbonden door hun gemeenschappelijke geschiedenis, en dat kan niet begraven worden, redeneert Kompany. ‘Het probleem zit in het feit dat we een deken hebben gelegd over het koloniaal verleden, over het slechte deel van het koloniaal verleden.’

‘Dat weghalen kan verwarring veroorzaken en dat is wat we zien vandaag. Ik bedoel dat de jongeren struikelen over wat verzwegen wordt en dat hun ouders verder gaan met hun leven alsof er niets is gebeurd.’ Hij benadrukt dat hij niet alleen verwijst naar jongeren met een Congolese achtergrond, maar ook naar ‘Europese jongeren die vrienden hebben met een Congolese achtergrond’.

Voor Kompany moeten de excuses zowel van de regering als van het Belgische koningshuis komen en moeten die gericht worden aan het Congolese volk, niet aan de Congolese overheid. Volgens hem zouden excuses de relatie tussen Congo en België opwarmen. ‘Twee landen die samen veel dingen kunnen verwezenlijken’, sloot hij af.