Belastingbonus op komst voor coronawerklozen
Foto: rr

De 1,3 miljoen coronawerklozen wacht bij hun belastingafrekening vanaf volgend jaar goed nieuws. Ze zullen belangrijke bedragen terugkrijgen van de fiscus. Dat blijkt uit berekeningen van de Nationale Bank. Voor de hoogste inkomens is er toch nog een belangrijk loonverlies.

De Nationale Bank maakte een uitgebreide berekening over welke inkomensverlies de 1,3 miljoen coronawerklozen (tijdelijk werklozen in geval van overmacht) incasseren. Daaruit blijkt dat de overheid het inkomensverlies voor de laagste inkomens volledig compenseert. Voor de hoogste inkomens is er nog een al bij al beperkt inkomensverlies.

De Nationale Bank deed de berekening voor twee types van gezinnen. Een alleenstaande zonder kinderen ten laste en een getrouwd koppel met twee kinderen ten laste. Er is telkens sprake van twee maanden volledige tijdelijke werkloosheid.

Belangrijke conclusie is dat de compensatie in twee stappen gebeurt. De RVA keert in een eerste stap gedurende twee maanden een vervangingsinkomen uit. De fiscus gaat echter ten laatste eind volgend jaar of begin 2022 de meeste belastingplichtigen een belangrijk bedrag te veel ingehouden belastingen terugstorten. Die twee effecten samen zorgen ervoor dat voor lagere inkomens er geen inkomensverlies is. Voor hogere inkomens zou dit al bij al meevallen.

De terugstorting van de fiscus voor een alleenstaande met een nationaal minimumloon (1.625,7 euro bruto per maand) bedraagt zo’n 935 euro. Voor de hogere lonen (een brutoloon van 6.334,31 euro per maand) bedraagt de terugstorting 868 euro.

Voor koppels met twee kinderen ten laste is dat respectievelijk 1.280 euro en 1.395 euro. En dit dus voor wie twee maanden volledig tijdelijk werkloos was.

Voor de laagste inkomens is het lastig dat ze eerst teveel belasting moeten afdragen aan de fiscus en vervolgens zo lang moeten wachten op de correcte afrekening. Vandaar dat de regering de berekening wil bijsturen. De oefening van de Nationale Bank suggereert dat daar inderdaad grond voor is.

Eén van de effecten die speelt voor lage inkomens is dat als ze werken recht hebben op een werkbonus maar die kwijtspelen tijdens hun tijdelijke werkloosheid. Dat wordt pas op een uitgestelde manier goedgemaakt. In een eerste fase wordt (onterecht) 26,75 procent bedrijfsvoorheffing toegepast.

Het verlies van die fiscale werkbonus wordt voor een alleenstaande meer dan goedgemaakt via een andere fiscale realiteit: de belastingvermindering voor vervangingsinkomens.

Zoals blijkt uit de bijgevoegde grafiek betekent de uitkering van de RVA zeker voor hoge lonen een flinke achteruitgang van hun maandinkomen. Ze vallen terug op minder dan de helft van hun inkomen (44 procent tot 45 procent). De laagste inkomens vallen netto terug op circa drie kwart van hun maandinkomen.

Na verrekening van de belastingbrief is er voor de laagste inkomens geen verlies. Voor wie alleenstaand is en een gemiddeld brutoloon heeft, is er een verlies van 1.267 euro of een achteruitgang van het jaarinkomen met 4,4 procent.  Voor een koppel is dat 4,2 procent (1.268 euro).

Maar voor de hogere inkomens is er in de weerhouden loonsimulaties toch nog een achteruitgang van het netto jaarinkomen van 7,5 procent tot 7,7 procent. Voor de alleenstaande betere verdiener (en het koppeltje met 2 kinderen)  is dat toch nog 3.191 euro. 

 

 

Grafiek: NBB