‘Luxeleven’ in woonzorgcentra is voorbij
In een woonzorgcentrum in Kruibeke hebben de bewoners te horen gekregen dat ‘hun luxeleven’ voorbij is en dat ze minder veeleisend moeten worden. De Belgische vereniging van zorgkundigen slaakt een noodkreet: zij, die basiszorg bieden aan bewoners van rusthuizen en zieke covid-19-patiënten thuis, beschikken niet over beschermingsmateriaal.

Het woonzorgcentrum Poldervliet in Kruibeke bezorgde zijn bewoners een brief waarin een inperking van de zorg werd aangekondigd. Daarin staat te lezen dat het personeel een voor een ziek wordt en uitvalt. Dat zij ‘hun gezondheid riskeren’: 'Iedereen kan thuisblijven maar wij als zorgverleners blijven er staan voor jullie!!!' De bewoners wordt gevraagd om zichzelf te wassen, niet te bellen voor onnodige zaken zoals de tv aanzetten of het raam opendoen. En om vooral niet te klagen: ‘Het luxeleven hier kunnen wij u tijdelijk niet meer bieden’. En ook nog: ‘Lieve mensen, jullie hebben de oorlog meegemaakt, wat nu komt, is minstens even erg, dus AUB heb respect, klaag niet, wij doen ons uiterste best !!!’

‘Het was ongelukkig geformuleerd. Wij hebben ons daar al uitdrukkelijk voor geëxcuseerd bij alle betrokkenen’, zegt directrice Nathalie Goethals van Poldervliet in Het Nieuwsblad. ‘En er komt een nieuwe brief. Als we het te zacht zeggen, dringt het niet door, maar dit was ook een stap te ver, dat beseffen we.’

De brief schokt velen, maar dat de zorgkundigen, die voor het grootste deel van de zorg in de woonzorgcentra instaan, het moeilijk krijgen, blijkt ook uit een representatieve steekproef waaraan bijna 500 mensen uit deze beroepsgroep deelnamen.

Acht op de tien zeggen dat ze geen of onvoldoende opleiding kregen om met covid-19-patiënten om te gaan, en zes op de tien rapporteren niet over genoeg beschermingsmateriaal te beschikken.

Het gaat niet alleen over de mondmaskers die dagelijks in de media komen. 15 procent zegt niet over handschoenen te beschikken, 20 procent heeft geen ontsmettende handgel en 34 procent geen ontsmettingsmiddelen voor oppervlakten. 45 procent beschikt niet over een beschermingsschort en 72 procent niet over een veiligheidsbril of volgelaatsmasker. De helft van de bevraagden heeft geen chirurgisch masker en zeven op de tien hebben geen FFP2- of FFP3-maskers, die nochtans cruciaal zijn in de verzorging van covid-19-patiënten.

Contrast met ziekenhuizen

18 procent van de zorgkundigen zegt dat ze al mensen moeten verzorgen die getroffen zijn door het nieuwe coronavirus, en 23 procent zegt dat zijzelf of een collega positief zijn getest op het virus.

‘Het zijn onthutsende resultaten, die me ongerust maar ook boos maken’, zegt Paul Cappelier, voorzitter van de Belgische federatie van zorgkundigen, die de steekproef heeft uitgevoerd. ‘De situatie waarin zorgkundigen moeten werken, staat in schril contrast met de situatie in de ziekenhuizen, waar werkelijk draconische maatregelen zijn getroffen om het personeel te beschermen tegen besmetting, en om covid-19-patiënten af te scheiden van andere zieken. In de thuiszorg en de woonzorgcentra is men helemaal niet goed voorbereid.’

‘Vergeet niet dat het personeel in woonzorgcentra vooral uit zorgkundigen bestaat. Op elke afdeling is meestal maar één verpleegkundige. De rest van de mensen die daar voor de zorg instaan, zijn zorgkundigen. Door de nieuwe richtlijn van de geriaters, moeten veel rusthuisbewoners die besmet raken, toch in het woonzorgcentrum blijven. Er zijn ook almaar meer covid-19-patiënten die niet ziek genoeg zijn om naar het ziekenhuis te gaan, en dus thuisblijven en onder meer door zorgkundigen verzorgd worden.’

‘En oké, er worden wel mondmaskers gemaakt voor mensen in de zorg. Maar als je met een covid-19-patiënt te maken krijgt, moet je veel beter beschermd worden. Als het zo verder moet, ben ik bang dat we mensen gaan verliezen. Ook in China en Italië zijn verhoudingsgewijs veel meer zorgverleners overleden dan in de gewone bevolking.’

Instructiefilmpjes

Zorgkundigen doen overigens meer dan wassen en verzorgen, zegt Cappelier. ‘Vorig jaar heb ik in overleg met minister De Block het takenpakket van de zorgkundigen opnieuw vastgelegd. Zuurstoftherapie hoort daar absoluut bij. Ik probeer de Vlaamse overheid al maanden zover te krijgen om dit in de opleiding van zorgkundigen te integreren, en de hogescholen zijn daartoe bereid. Maar het is er nog altijd niet van gekomen. Ondertussen moeten ze het op het terrein wel doen, maar hebben ze het niet correct aangeleerd. Ook dat maakt me vandaag zo kwaad! Zorgkundigen staan vandaag immers echt in de vuurlinie.’

Cappelier pleit ervoor om snel werk te maken van eenvoudige instructiefilmpjes voor de beroepsgroep: ‘Als je het aan de overheid zult vragen, zullen ze verwijzen naar websites waar alle informatie op staat. Daar hebben zorgkundigen geen boodschap aan. Zij willen heel concrete informatie, in eenvoudige taal. Negen op de tien bevraagden smeken daar om. Het productiehuis Silvester is bereid om die snel voor ons te maken. Ook de hogeschool Howest heeft al zo’n filmpje gemaakt, maar dat volstaat nog niet. Er is vandaag overleg met het kabinet van minister Beke. Ik zou willen dat de overheid snel mee op de kar springt.’