Negen leden wetenschappelijke raad Kazerne Dossin nemen ontslag
Foto: BELGA
Op een verhitte vergadering in Kazerne Dossin zijn gisteren negen leden van de wetenschappelijke raad opgestapt.

 ‘De structuur van Kazerne Dossin voldoet niet.’ Met die woorden heeft gisteren ruim de helft van de wetenschappelijke raad van het memoriaal, museum en documentatiecentrum over de Holocaust en mensenrechten ontslag genomen. De negen, onder wie historicus Bruno De Wever en ethicus Freddy Mortier (UGent), rector Herman Van Goethem (UAntwerpen), rijksarchivaris Karel Velle en de historicus Frank van Vree (NIOD), doen dat uit onvrede met de manier waarop het centrum geleid wordt door het dagelijks bestuur. In een communiqué dat ze gisteravond laat uitstuurden na de vergadering, zeggen ze onder meer dat ‘de wetenschappelijke invulling van het luik mensenrechten niet meer noodzakelijk wordt gegarandeerd’.

Het geviseerde bestuur van de Kazerne Dossin wordt bemand door Diane Verstraeten, Claude Marinower (Open VLD) en André Gantman (N-VA).

Deradicalisering

Dat er een probleem is in de Kazerne Dossin, werd duidelijk toen op 4 november vorig jaar de algemeen directeur Christophe Busch ontslag nam. Busch was in het bijzonder verantwoordelijk voor de bredere opdracht van Dossin, die niet alleen over de Holocaust gaat, maar ook over mensenrechten en deradicalisering. Hij gaf bij zijn ontslag aan dat het bestuur ‘de ruimte tot verbinding telkens weer inperkte en uitholde’. Een dag later werd hem door het bestuur de toegang tot het museum ontzegd. Sinds zijn vertrek bestond de wetenschappelijke raad nog uit zeventien leden. Dat zijn er nu, vooralsnog, nog acht.

Op 12 december was er een incident toen het dagelijks bestuur in Kazerne Dossin een prijsuitreiking afgelastte die al bezig was. Midden-Oostenexpert Brigitte Herremans zou daar door de ngo Pax Christi gelauwerd worden als ‘Ambassadeur voor de Vrede’. De website Joods Actueel had daar voordien al bezwaar tegen gemaakt. Herremans, die bekendstaat als een genuanceerde kritische stem, werd in 2016 de toegang ontzegd tot Israël.

De dag na de afgelasting zei de Gentse historicus Bruno De Wever al dat hij overwoog om uit de Wetenschappelijke Raad te stappen. Op 18 januari verklaarde bestuurslid André Gantman dat Dossin zich moet beperken tot de essentie, namelijk de Holocaust. Ook dat heeft De Wever verontrust, omdat het niet spoort met de wettelijke opdracht van Kazerne Dossin, die duidelijk stelt dat het ook over mensenrechten moet gaan.

‘Het is voor ons evident dat Kazerne Dossin, als plaats van herinnering, niet het terrein kan zijn waarop de huidige politiek van de staat Israël wordt geagendeerd’, kwamen de negen gisteravond in het communiqué terug op dat incident. ‘We mogen niet de indruk wekken dat we uitgerekend op deze plaats, de 25.000 Joodse slachtoffers die daar worden herdacht zouden instrumentaliseren in een politiek conflict waar zij niets mee te maken hebben.’

Het museum wordt door de Vlaamse overheid gesubsidieerd om die dubbele opdracht uit te voeren en kan niet zomaar beslissen om zich terug te plooien op één aspect.

Arrogantie

De voormalig directeur van de Kazerne Dossin, Herman Van Goethem, stelde na het ontslag van Christophe Busch al voor om Dossin op te splitsen in enerzijds een museum en studiecentrum, dat zich ook over hedendaagse mensenrechtenschendingen, en anderzijds een memoriaal voor de Holocaust. De Vlaamse regering en de bevoegde minister Jan Jambon (N-VA) beslisten daar toen niet op in te gaan.

De vergadering van gisteravond had al in januari moeten plaatsvinden, maar werd toen voor onbepaalde tijd uitgesteld. De raad kwam gisteren samen op uitdrukkelijke vraag van enkele leden die ongeduldig werden.

Voor de vergadering zei De Wever aan De Standaard: ‘Als ik opstap, doe ik dat niet in de eerste plaats omdat het iets zal opleveren, maar omdat ik geen zin heb om gratis mijn tijd te verdoen in een instelling die haar kerntaken naast zich neerlegt. Ik wil mij ook niet de les laten spellen door een dagelijks bestuur dat geen expertise heeft en bovendien niet bevoegd is om inhoudelijke beslissingen te nemen.’

Het vermoeden is dat er nog wetenschappers ontslag zullen nemen na overleg met de instellingen waardoor ze in de wetenschappelijke raad zijn afgevaardigd.