Stadscinema’s verkopen meer dan miljoen tickets in 2019
Foto: belga
Voor kleine en onafhankelijke cinema’s was 2019 een boerenjaar: voor het eerst verkochten ze meer dan een miljoen kaartjes, een verdubbeling op vijf jaar.

De helft van het miljoen kaartjes dat onafhankelijke bioscopen vorig jaar verkochten, ging in Brussel over de toonbank, berekende het stadsmagazine Bruzz. De hoofdstad kan dan ook uitpakken met vier onafhankelijke cinema’s, waaronder Cinema Palace op de Anspachlaan. Toen die bioscoop in februari 2018 heropende, na een lange renovatie, opperde Luc Dardenne dat de kleine bioscopen in een stad als Brussel 450.000 kaartjes per jaar moeten kunnen verkopen. Vorig jaar werd dat cijfer dus al overtroffen. 

De andere 500.000 kaartjes werden verkocht in Vlaanderen, in arthouses en onafhankelijke bioscopen als Roxy in Koersel, ­Albert in Dendermonde en de kleinere bioscopen van grote ­steden als Antwerpen of Gent. 

Arthouse tot Disney

‘De markt voor ons soort filmvertoning is volop aan het veranderen’, zegt Patrick Deboes van de Gentse bioscoop Sphinx. ‘Vroeger vertoonden arthousecinema’s experimentele films, nu schuiven we meer en meer op naar de middenklasse, zelfs tot Disney. Vorig jaar hebben we 5.000 bezoekers voor Frozen 2 gehaald: dat is heel veel.’ Een paar uitbaters noemen films als Joker of Parasite, die vorig jaar zowel in multiplexen als kleine bioscopen liepen, als reden voor de grotere toeloop vorig jaar.

Netflix lijkt een bedreiging voor kleine bioscopen. Maar zowel Roma in 2018 als The Irishman in 2019 liep in Sphinx nog weken nadat de films al op de streamingdienst beschikbaar waren. ‘Een groot scherm hoeft geen twintig meter te zijn: zes meter geeft je ook al een andere be­leving’, zegt Deboes. ‘Blijkbaar apprecieert een deel van het publiek die wel.’

Dat publiek apprecieert vaak ook dat kleine bioscopen in het stadscentrum zitten. ‘En verder zijn we erg actief geworden in onze promotie. We organiseren activiteiten, festivals, nodigen gasten uit, voorzien speciale voorstellingen. Op tien jaar tijd zijn we van nul uur communicatie naar een of twee voltijdse communicatiebanen gegaan. Tien jaar geleden ­waren veel collega’s op sterven na dood, terwijl we nu toch betere vooruitzichten hebben.’