‘Coronacartoons’ maken China kwaad
Foto: rr

Een cartoon met coronavirusdeeltjes op de Chinese vlag zet kwaad bloed. De Chinese ambassade eist dat de Deense Jyllands-Posten en De Standaard cartoons terugtrekken.

Een rode Chinese vlag waarop de vijf gele sterren vervangen zijn door symbolen die verwijzen naar een biohazard, een biologisch gevaar. Die cartoon publiceerde de Deense krant Jyllands-Posten maandag 27 januari op haar opiniepagina’s. Ook bij De Standaard publiceerde cartoonist Lectrr een soortgelijke cartoon op 23 januari, alleen online.

‘Coronacartoons’ maken China kwaad
Foto: Lectrr

De Chinese ambassades in Denemarken en België noemden dat een belediging van het Chinese volk en eisen een publieke verontschuldiging van beide kranten. Ze willen ook dat de kranten de cartoons verwijderen van hun website. ‘Zonder enig medeleven of inlevingsvermogen heeft de krant de basis van een beschaafde maatschappij en de ethische grenzen van vrije meningsuiting overschreden’, schreef de ambassade in Kopenhagen op haar website.

Vanwege een soortgelijke cartoon kreeg de Nederlandse tekenaar Maarten Wolterink 250 kwade e-mails van Chinese lezers.

De hoofdredacteur van Jyllands-Posten, Jacob Nybroe, wijt het incident aan ‘verschillende culturele interpretaties’. Hij wil zich niet verontschuldigen, maar benadrukt dat het nooit de bedoeling was om China te bespotten. ‘We kunnen ons niet verontschuldigen voor iets wat we niet fout vinden’, aldus Nybroe. De Deense eerste minister Mette Frederiksen kwam er zelfs even tussen. ‘Denemarken heeft een sterke traditie van vrijheid van meningsuiting, maar ook vrijheid van satire en van tekenen. We gaan dat niet veranderen.’

Hoofdredacteur Karel Verhoeven van De Standaard liet de Chinese ambassade weten dat België ‘een lange liberale traditie heeft in vrije meningsuiting en vrijheid van publiceren'. ‘Cartoons genieten de hoogste vrijheid. We kunnen dus niet ingaan op hun eis. We begrijpen dat er andere gevoeligheden spelen in deze crisis, en Chinezen maken zich ook in België ongerust dat ze met de vinger gewezen worden en geviseerd worden. Maar deze cartoon speelt niet in op die negatieve sentimenten. Hij is gepubliceerd voor Vlaamse lezers. Voor ons interpretatiekader is hij erg mild. Hij wil niet lachen of spotten met China of de Chinese vlag. Onze lezers begrijpen feilloos de boodschap achter de tekening: dat het coronavirus voor China een staatszaak is.’

‘Een pest’

President Xi Jinping heeft het virus uitgeroepen tot een ‘pest’. In China zijn volgens de laatste officiële cijfers van de WHO al 361 doden gevallen door het virus en het belangrijkste familiefeest, Chinees Nieuwjaar, is voor miljoenen mensen in duigen gevallen.

Bovendien zijn in Zuidoost-Azië de eerste bordjes met ‘Chinezen niet welkom’ opgedoken in restaurants. Enkele Chinezen getuigden dat de angst voor besmetting leidt tot racistische reacties. Dat ligt zeer gevoelig, gezien het racistische stereotype van de ‘besmettelijke’ Chinees dat al dateert uit de 19e eeuw.

Tegelijk staat de Chinese overheid onder druk. Ze wil koste wat het kost bewijzen dat ze de epidemie op een transparante manier de baas kan. Toch overheerst bij de bevolking paniek en onvrede, voornamelijk gericht tegen de lokale autoriteiten in Wuhan. Die lijken veel te traag te hebben gereageerd.

‘Druist in tegen mensenrechten’

Die druk kan verklaren waarom China nu extra geprikkeld reageert tegen westerse media. Zo zei de Chinese ambassadeur in Nederland, Xu Hong, maandag in een interview met De Volkskrant zelfs dat hij van de Nederlandse overheid verwacht dat ze media straft wanneer zij ‘kwetsende’ spotprenten over het coronavirus publiceren.

Xu: ‘Die spotprenten mogen geen mainstream worden. Westerse regeringen zeggen: dat is vrijheid van meningsuiting. Maar die vrijheid gaat niet boven morele ­afwegingen. Dit virus aangrijpen voor een aanval op één enkel land, één enkel volk, dat druist in tegen de mensenrechten. Een krant die dat afdrukt, bewijst hoe in het openbaar debat de normen en waarden aan flarden gaan. (...) Een regering die vindt dat die publicaties onder de vrijheid van meningsuiting vallen, diskwalificeert zich als hoeder van de mensenrechten.’