Grondwettelijk Hof vernietigt mobiliteitsvergoeding 'cash for car'
Foto: BART DEWAELE
Het Grondwettelijk Hof heeft donderdag de mobiliteitsvergoeding 'cash for car' vernietigd, een wet die het gebruik van bedrijfswagens moest ontraden. Zowel het opzet als sommige aspecten van de uitvoering zijn volgens het Hof ‘problematisch in het licht van de grondwettelijke beginselen van gelijkheid en niet-discriminatie’.

Een van de redenen die het Grondwettelijk Hof noemt, is dat de maatregel zou leiden tot een ongelijke fiscale behandeling van loon. Het cashvoordeel dat in de plaats van de wagen komt, wordt namelijk op een andere manier belast dan een 'gewoon' brutoloon.

Vijf organisaties, onder wie vakbonden en klimaatorganisaties, waren naar het Grondwettelijk Hof getrokken om de wet uit 2018 aan te vechten. Met succes. 'Zowel het algemene opzet van de ontworpen regeling als bepaalde aspecten van de concrete uitwerking ervan zijn problematisch in het licht van de grondwettelijke beginselen van gelijkheid en niet-discriminatie', zo staat in de conclusie van het arrest dat het Hof donderdag velde.

Het Hof besloot nog dat de nu nietig verklaarde 'cash-for-carregeling' van kracht blijft tot 31 december 2020, zodat nieuwe wettelijke bepalingen van kracht kunnen worden. De uitspraak heeft normaliter geen enkele invloed op het in maart 2019 ingevoerde mobiliteitsbudget. Bij die regeling krijgen werknemers die hun bedrijfswagen inruilen een budget in de plaats om een milieuvriendelijke wagen te kopen of duurzame verplaatsingen te maken. Wat overblijft van dat budget kan ook wel worden gecasht, maar wordt zwaarder belast, waardoor er minder sprake is van fiscale discriminatie.

Los zand

‘De doelstelling van cash for car was van bij het begin op los zand gebouwd’, zegt ACV-jurist Piet Van den Bergh aan De Standaard. ‘Het was, bijvoorbeeld, meteen duidelijk dat mensen met de vergoeding een goedkopere – en soms vervuilendere – wagen konden kopen en de rest van het geld fiscaal vriendelijk innen.’

Om mensen ertoe aan te zetten op een duurzame manier naar het werk te gaan, tekende de regering-Michel de veelbesproken ‘cash-for-carregeling' uit. Sinds maart 2018 kan een werknemer daardoor zijn bedrijfswagen ruilen voor een (maandelijks) bedrag in cash. 

Om dat fiscaal aantrekkelijk te maken, wordt dat stuk loon op dezelfde fiscaalvriendelijke manier behandeld als een bedrijfswagen. In de praktijk levert dat voor een wagen met een cataloguswaarde van 28.000 euro maandelijks zo’n 480 euro netto op. Het succes bleef beperkt: een jaar na de invoering was door de maatregel amper 0,065 procent van de salariswagens van de weg verdwenen.