Vermassen: ‘Eigenlijk hoort advocaat Keuleneer op getuigenstoel’
Foto: Photo News

Kan advocaat Fernand Keuleneer aanblijven op het euthanasieproces nu blijkt dat hij zelf in de euthanasiecommissie zat die het dossier goedkeurde? De stafhouder moet beslissen, zegt advocaat Jef Vermassen.

De burgerlijke partijen vonden dat Wim Distelmans, voorzitter van de federale evaluatiecommissie euthanasie, zich had moeten terugtrekken bij de behandeling van Tines dossier. Dat gebeurt na de euthanasie, om te zien of de voorwaarden waren vervuld.  Distelmans had voordien immers al contact gehad met de familie en de psychiater over de zaak. De commissie zag geen problemen bij de euthanasie van Tine Nys. Volgens de advocaten had Distelmans kunnen weten over welke zaak het ging. Zo stond de naam van Tine vermeld in het meldingsformulier.

‘Als je de voorzitter verwijt dat hij dat moest weten, hadden de aanwezige juristen in de commissie dat dan niet moeten opmerken?’, verklaart Vermassen, die de beschuldigde psychiater verdedigt, op Radio 1. ‘Daarom vroeg ik aan professor Distelmans of daar ook juristen aanwezig waren.’

Stafhouder

En toen dook de naam van Fernand Keuleneer op, de advocaat van de zussen en broer van Tine Nys. ‘Ik viel bijna van mijn stoel’, zegt Vermassen. ‘Kan hij nog als raadsman optreden? Eigenlijk is de plaats van Keuleneer op de getuigenstoel. Hij kan zeggen hoe dat daar is verlopen. Dat is een probleem van deontologische aard en moet onderworpen worden aan de stafhouder. Hij moet bekijken of Keuleneer in deze context verder kan pleiten en of daar bezwaar tegen is. Nu, van mij mag hij blijven hoor. Het zijn mijn confraters die gezegd hebben dat het een probleem is en dat ze naar de stafhouder gaan.’

Advocaten Walter Van Steenbrugge en Christine Mussche gaan de kwestie om 9 uur aankaarten bij de stafhouder. Die controleert de deontologie van advocaten in zijn regio. ‘Hij zal moeten oordelen’, zegt Vermassen.

Toneel

Keuleneer zelf vond het een ‘storm in een glas water’. ‘Ik was plaatsvervangend lid en had dus geen stemrecht. Mijn aanwezigheid blijkt uit het strafdossier en publieke bronnen’.

Zijn confrater Joris Van Cauter verweet Vermassen dat hij toneel speelde. ‘Je wist goed genoeg dat hij daar was.’