De Oekraïense president Volodymyr Zelenski heeft in Parijs voor het eerst zijn Russische collega Vladimir Poetin in de ogen gekeken. De Franse president Emmanuel Macron en de Duitse bondskanselier Angela Merkel zijn bemiddelaars.

De ontmoeting moet de vredesonderhandelingen over het slepende conflict in Oost-Oekraïne nieuw leven inblazen. Het is van 2016 geleden dat een Russische en Oekraïense president elkaar nog spraken. Dat gebeurde toen ook onder toezien oog van Duitsland en Frankrijk.

De oorlog tussen Oekraïne en de pro-Russische rebellen heeft sinds 2014 aan 13.000 mensen het leven gekost. Het vredesproces bevond zich jarenlang op een dood spoor, maar sinds enkele maanden wordt er weer lichte vooruitgang geboekt.

Zelenski had in april, na zijn verkiezing tot president, toelating gegeven voor een hervatting van de dialoog met Moskou. Die gesprekken hadden in september al geleid tot een grootschalige uitwisseling van gevangenen. In drie kleinere sectoren aan de frontlijn zijn er ondertussen troepen teruggetrokken en de Russen gaven vorige maand ook nog drie Oekraïense oorlogsbodems terug.

Toch is een doorbraak onwaarschijnlijk. Daarvoor liggen de standpunten en doelstellingen van de partijen te ver uiteen. Oekraïne wil volledig herstel van de eigen soevereiniteit in de Donbass en de door Rusland geannexeerde Krim, maar voor Moskou is zeker dat laatste onbespreekbaar.

Poetin heeft alvast gezegd dat hij tevreden is over zijn persoonlijk gesprek met zijn collega uit Kiev. Ze wilden vooral praten over de transit van Russisch gas via het buurland. Het verdrag daaromtrent loopt dit jaar af.