Bekaert sluit fabrieken in de VS en Maleisië
Protestactie voor de eerder aangekondigde sluiting van een fabriek in Moen Foto: eva

Wegens de lage vraag naar staaldraadtoepassingen, de felle concurrentie en de invoerrechten op die markt gaat staaldraadproducent Bekaert twee fabrieken sluiten, in de Verenigde Staten en Maleisië.

De sluiting van de fabrieken in Shelbyville (Kentucky) en het Maleisische Ipoh zijn gepland in januari en maart. Ook in Dubai zijn er gevolgen: het bedrijf zal er voortaan niet zelf, maar met een externe partner alle afwerkings- en distributiediensten leveren aan klanten in de emiraten. De slangendraadactiviteiten van Rome, in de Amerikaanse staat Georgia, verhuizen naar de fabriek in Rogers (Arkansas).

Eerder dit jaar kondigde Bekaert al de sluiting aan van de fabriek in het West-Vlaamse Moen, om de productie, staaldraad voor in beton, te verhuizen naar Tsjechië. Begin oktober bereikte het bedrijf een akkoord met de vakbonden over die Belgische herstructurering, waarbij ook in andere Belgische vestigingen jobs verdwijnen. Zoals bekend is er hiervoor een provisie van 30 miljoen euro geboekt, bovenop een reeds geboekte eenmalige impact van 7 miljoen euro.

Moeilijk slotkwartaal

In de eerste negen maanden van het jaar kwam de geconsolideerde omzet, ‘ondanks verslechterende marktomstandigheden’, 2 procent hoger uit op 3,29 miljard euro. Dat is een tikkeltje meer dan de eigen prognoses (3,28 miljard). De markt voor banden, waar staalkoord in verwerkt is, hield goed stand, maar in het slotkwartaal verwacht het bedrijf dus wel een afkoeling.

Die vertraging zou volgens Bekaert onder meer het gevolg zijn van de gebruikelijke seizoenseffecten op het einde van het jaar. Bovendien zou de sector ‘anticiperen op een blijvend zwak businessklimaat’ en bijgevolg de voorraden afbouwen in de hele toeleveringsketen. ‘We verwachten een verdere krimp in de staaldraadtoepassingsactiviteiten in het laatste kwartaal, vooral door de impact van sociale protesten in Latijns-Amerika, invoerrechten en een verdere economische vertraging wereldwijd.’