Australië moet mogelijk miljoenen terugbetalen aan rugzaktoeristen
Foto: Getty Images

De zogenaamde ‘backpackersbelasting’ die Australië in 2017 invoerde voor rugzaktoeristen die tijdens hun reis een centje willen bijverdienen, is in vele gevallen illegaal. Zo heeft een rechtbank geoordeeld na een klacht van een Britse toeriste.

Australië is geen goedkoop land voor reizigers en dus grijpen heel wat rugzaktoeristen met een visum voor een werkvakantie de kans om hun reisfonds bij te spekken door een korte periode te helpen bij bijvoorbeeld de fruitpluk. Voorheen konden buitenlanders tot 18.000 Australische dollar belastingvrij bijverdienen, maar sinds 2017 betalen ze vijftien procent belastingen op hun inkomsten.

Geen populaire maatregel, maar nu blijkt die ook in vele gevallen illegaal te zijn, zo oordeelde de federale rechtbank van Brisbane na een klacht van de Britse Catherine Addy.

De belasting is immers in strijd met verdragen die werden afgesloten met acht landen, zijnde de Verenigde Staten, Groot-Brittannië, Duitsland, Finland, Chili, Japan, Noorwegen en Turkije. Inwoners van die landen mogen niet meer worden belast dan Australiërs zelf, en zij betalen pas belastingen als hun inkomen de grens van 18.200 Australische dollar overschrijdt.

Rechter John Logan noemde de belasting ‘een verkapte vorm van discriminatie gebaseerd op nationaliteit’. Volgens lokale media kunnen buitenlanders hun geld terugeisen, een bedrag dat in totaal zou kunnen oplopen tot honderden miljoenen, aangezien ongeveer de helft van de rugzaktoeristen die een werkvisum aanvragen uit een van de acht genoemde landen komt.

De Australische belastingdienst overweegt in beroep te gaan tegen de uitspraak.