Exitpoll voorspelt grote verrassing na eerste ronde presidentsverkiezingen in Tunesië
Aanhangers van mediamagnaat Nabil Karoui kwamen op straat nadat de resultaten van de exitpoll zondagavond laat bekendraakten. Foto: EPA-EFE

Volgens een exitpoll stoten een onbekende rechtenprofessor en een controversiële mediamagnaat door naar de tweede ronde van de presidentsverkiezingen in Tunesië. De uitslag toont de grote onvrede bij de bevolking over de heersende politieke klasse aan, en dat in het land waar de Arabische Lente begon.

Kais Said, een professor grondwettelijk recht, zou volgens de exitpoll zondag 19,5 procent van de stemmen gehaald hebben. Hij wordt op de voet gevolgd door Nabil Karoui, de eigenaar van een televisiezender die momenteel in de cel zit op verdenking van corruptie, een aanklacht die hij ontkent. Karoui zou 15,5 procent van de kiezers achter zich hebben.

Kandidaten als premier Youssef Chahed en Defensieminister Abdelkarim Zbidi, die algemeen als grotere kanshebbers werden beschouwd om de op 25 juli overleden seculiere nestor Béji Caïd Essebsi op te volgen, halen teleurstellende scores. Said noemde de voorlopige resultaten ‘een nieuwe fase in de geschiedenis van Tunesië’.

Volgens de peiling zou geen enkele kandidaat meer dan de helft van de kiezers weten te overtuigen hebben. De verkiezingen stevenen dus af op een tweede ronde die in november zal worden gehouden, en waarin hoogstwaarschijnlijk Said en Karoui het rechtstreeks tegen elkaar zullen opnemen. Op de officiële resultaten is het echter nog wachten tot dinsdag.

Grote opdoffer

De verkiezingen dreigen zo uit te draaien op een grote opdoffer voor de gevestigde politieke klasse van het Noord-Afrikaanse land. Hoewel Tunesië als een levensvatbare democratie uit de Arabische Lente is gekomen, zei twee derde van de bevolking tijdens een bevraging dat hun leven er de afgelopen jaren niet beter op geworden is.

Tunesië wordt sinds 2011, het jaar waarin dictator Zine el Abidine Ben Ali na vier weken van protesten opstapte, geplaagd door strijdende politieke splintergroeperingen en occasionele aanvallen van militanten. De economie herstelt zich daardoor erg moeizaam. Het werkloosheidscijfer bedraagt vijftien procent, dat is hoger dan onder het ‘ancien régime’, de jeugdwerkloosheid ligt zelfs boven de 30 procent.

De stembusgang werd overigens geplaagd door een erg lage opkomst. Met een opkomst van zo’n 45 procent daagde niet eens de helft van de stemgerechtigden op. In 2014 was dat nog 60 procent.