Filosoferen met Fulco
Foto: Koen Bauters
‘Het is vroeg voor ons allemaal’, merkte Fulco Ottervanger terecht op in de Lift terwijl buiten de laatste regendruppels de slaap uit de ogen vrewen. Het handvol mensen dat het nagelnieuwe soloproject van de Gentse duivel-doet-al als ontbijt nuttigde, bleef niet op zijn honger.

Hoeveel gedaanten heeft de Belg met de Nederlandse tongval vele gedaanten nog in zich? De pianotovenaar van jazztrio De Beren Gieren, de knotsgekke elektronicaknutselaar van Beraadgeslagen, de krautrocker van Stadt kenden we al. Maar nu maakten we kennis met Fulco. Zonder achternaam.

Met die vereenvoudiging vaar hij ook zijn meest conventionele koers: nummers als ‘Nergens heen’ en het dromerige ‘Grensdorp’, die straks op zijn soloplaat prijken, zijn afgeronde popliedjes. Songs waarin hij ook naar voor treedt als begenadigd zanger en tekstschrijver. ‘Iedereen is op zoek naar waar hij nog nooit is geweest’, klonk het uit de mond van de filosofische popdichter. We moesten er even over nadenken en gaven hem gelijk.

Af en toe kon Ottervanger het natuurlijk niet laten om de boel te saboteren. Bij een kinderlijk brugje in ‘Mama’, een klassieke pianoballad die leek bedacht tijdens een repetitie met Raymond van het Groenewoud en John Lennon, hoste hij als een uitgelaten puppy rondjes rond zijn kompanen. De computerstem die hij samplede in ‘De sms’ende mens’ braakte dan weer het soort taalgewriemel uit waar Drs P zich de eeuwigheid mee in zong. In de artrocker ‘Een beetje verfrommeld’ leek de bas van Laheye op een pompende tuba. Lekker.

‘Het volgende nummer gaat over de tijd dat ik in de sekte zat’, zei Ottervanger over ‘Hangen in de waarheid’. Een garagerockertje met een dronken kermisorgeltje en een korzelige gitaar over... dollen met de waar