Tame Impala: Pink Floyd, the next generation
Foto: koen bauters

‘Ik zal héél teleurgesteld zijn als de nieuwe Tame Impala-plaat er niet tegen de zomer ligt’, liet Kevin Parker zich een paar maanden terug ontvallen. Het wordt spannend, want de zomer is bijna voorbij en van een nieuw album van de Aussies is buiten de onder discobollen geboren singles ‘Patience’ en ‘Borderline’ niets te bespeuren.

Goed, van Parker is geweten dat hij een controlefreak is die elke soundbubbel wil tweaken tot hij perfect zit. En een bosbrandje in Californië gooide eind vorig jaar ook roet in het eten toen zijn werkplek in de as werd gelegd. Het weerhield Tame Imapala niet om zijn grootste tournee ooit op te zetten, met headlinerspots op Coachella en Glastonbury.

Toch bleef de show op papier alvast een beetje onthoofd aanvoelen.

Andere domper op de feestvreugde: de hemelsluizen gingen helemaal open boven de wei. ‘Bedankt om vol te houden’, grijnsde Parker naar het leger poncho’s aan zijn voeten. ‘Ik zie jullie graag mijn songs zingen in de regen.’ Toen hij later in de set het podiumtrapje afdaalde, wierp hij zijn regenjas naar ‘het meisje met de Tame Impala-shirt. Jij hebt het meer nodig dan ik.’

De druilerige boel maakte de yacht rock van ‘Patience’ een paar zwembadlengtes minder feestelijk. Maar had hij ook een positief effect: de bij Jean-Michel Jarre gepikte laserbundels die over de hoofden van het publiek schoten tijdens het stampvoetende ‘Elephant’, kregen er een extra twinkeling bij. De confetti die bij de majestueuze opener ‘Let it happen’ de lucht werd in gekatapulteerd, viel dan weer als drab uit de hemel.

Gelukkig maakte Tame Impala zijn reputatie als ‘Pink Floyd voor hipsters’, waardoor je in de trip zelfs het hondenweer vergat. Met verbluffende visuals en lichteffecten ontpopte ‘Apocalypse dreams’ zich tot ‘Interstellar overdrive’ voor de next generation. Een rechthoek van lichten rond de vijf muzikanten leek hen vleugels te geven. Tegen het einde van ‘Mind mischief’ was Tame Impala klaar om op te stijgen in zijn ufo en over Kiewit te suizen.

Hoe psychedelisch het ook werd, Parker hield er altijd genoeg pop in. Vier jaar geleden lengde hij zijn psychrock aan met glimmende dancebeats, een formule waarmee hij de wereld aan zijn voeten kreeg.

Die transformatie kwam er nadat hij naar de Bee Gees had zitten luisteren op paddo’s. Geen idee welk spul hij vandaag op zak had, maar de gitaren liepen nog steeds aan de ketting. Niet dat ze niet minder funky klonken in ‘Led Zeppelin’, of fuzzy in ‘Eventually’. Maar het was duidelijk de discobeat van ‘The less I know the better’ en de smachtende r&b van ‘Love/paranoia’ die de wei in een roes mochten brengen.

‘I can just hear them now, “How could you let us down?”’ zong Parker met zijn frêle stem in ‘New person, same old mistakes’. Heerlijke song, die ons met een laatste shot confetti naar drogere oorden stuurde. Parker hoeft niet te wanhopen, Tame Impala liet ons niet in de steek. Nu dat nieuwe album nog.