VS kunnen Iraanse tanker niet in Gibraltar houden
Foto: EPA-EFE

Het Hooggerechtshof in Gibraltar heeft de Iraanse supertanker Grace 1 de toestemming gegeven om de Britse wateren te verlaten. De Verenigde Staten hadden de rechtbank gevraagd om het schip langer aan de ketting te houden.

De Grace 1, die begin juli aan de ketting werd gelegd omdat het schip olie naar Syrië zou transporteren en zo de internationaal opgelegde sancties op olietransporten zou overtreden, zal weldra vertrekken vanuit Gibraltar. Dat heeft de Iraanse regering bevestigd. 'De VS probeerde wanhopig om de vrijgave van het schip op het laatste moment tegen te houden, maar het leed een verpletterende nederlaag', meldde Hamid Baeidinejad, de Iraanse ambassadeur in Londen, op Twitter.

Ruildeal

De autoriteiten in Gibraltar en de Britse Royal Navy hielden de supertanker Grace 1, die onder Panamese vlag vaart, in de nacht van 4 op 5 juli tegen. Officieel had het schip olie uit Irak aan boord. Maar slechts luttele uren na de inbeslagname werd in de Iraanse hoofdstad Teheran de Britse ambassadeur op het matje geroepen en werd zowel de olie als het schip geclaimd als eigendom van Iran.

Iran nam zo snel mogelijk revanche: de Iraanse commando’s onderschepten de Britse tanker Stena Impero in Omaanse wateren.

Na de entering van de tanker onder Britse vlag vonden er in alle stilte onderhandelingen plaats tussen Londen en Teheran. Gibraltar wilde de Iraanse tanker vandaag laten wegvaren, vermoedelijk nadat premier Johnson een diplomatieke deal had gesloten, maar het Amerikaanse ministerie van Justitie probeerde daar nog een stokje voor te steken. Het Hooggerechtshof in Gibraltar volgde de Amerikanen echter niet.

Druk

De Britten zitten al langer geklemd tussen diverse belangen. Zo klonk het op 4 juli dat de tanker Grace 1 in Gibraltar was geënterd op vraag van Washington, dat zelf een politiek van ‘maximale druk’ uitvoert op Iran. Londen doet aan die druk nochtans niet mee. Anders dan de VS willen de Britten nog altijd, samen met Frankrijk en Duitsland, het nucleaire akkoord met Teheran vrijwaren en handel blijven drijven.

Militair zijn de Britten ook niet voor­bereid op het harde spel van realpolitik dat Iran voert in zijn rivaliteit met de Verenigde Staten, Saudi-Arabië en Israël.