Overheidsdiensten kreunen onder personeelstekort
Foto: Belga
Bij de Regie der Gebouwen staan 200 vacatures open, bij de FOD Financiën zelfs 1.000. Selor, dat instaat voor de selectie bij de overheid, kan de vraag niet aan.

Federale diensten en instellingen kunnen hun openstaande vacatures maar moeizaam invullen. Neem het AfricaMuseum in Tervuren. Sinds de heropening in december komen er wekelijks bijna 10.000 bezoekers over de vloer, maar op extra personeel (onderhoudstechnici, IT’ers, onthaalmedewerkers ...) is het wachten. ‘Het duurt een tot twee jaar voor er iemand kan beginnen’, zegt directeur Guido Gryseels. ‘Zoveel tijd neemt de procedure bij de federale selectiedienst Selor in beslag.’

Ook zijn collega bij de Koninklijke Sterrenwacht, Ronald Van der Linden, zit met de handen in het haar. ‘We wachten al anderhalf jaar op een directiesecretaresse. En twee jaar op een onthaalbediende. In de vijftien jaar dat ik hier directeur ben, heb ik dat nog nooit meegemaakt.’ In de wachttijd wordt het werk doorgeschoven tussen collega’s. ‘Daardoor hebben velen een burn-out, of stevenen ze eropaf.’

1.000 vacatures

Vergelijkbare geluiden zijn te horen bij het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen (KBIN), het Rijks­archief, de FOD Financiën en de Regie der Gebouwen. Bij het KBIN duurt het rekruteren van een ­medewerker zes tot vijftien maanden. Financiën zegt  zowat duizend posities niet te kunnen invullen door een ­gebrek aan kandidaten die in de proeven slagen. Bij de Regie der Gebouwen staan tweehonderd vacatures langdurig open (op een personeelsbestand van ongeveer duizend) en bedraagt de gemiddelde wachttijd een jaar.

Uit het jaarrapport 2018 van Selor blijkt dat de doorlooptijd voor vacatures met publicatie oploopt tot 279 dagen bij de Sterrenwacht, 367 dagen bij het KBIN en zelfs 402 dagen bij de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis. ‘Dat het zo lang duurt, is deels toe te schrijven aan reglementaire zaken, zoals de publicatietermijn’, zegt Koen Verlinden, business unit manager van Selor. ‘Onze vraag aan de regering om daar iets aan te doen, kreeg amper gehoor. Wij hebben hetzelfde probleem als onze klanten: te weinig volk.’
De oorzaak daarvan ligt bij een regeringsbeslissing uit 2012. Om de selecties meer uniform te laten verlopen, werd toen beslist om behalve het statutaire ook het contractuele overheidspersoneel via de selectiedienst te laten passeren. ‘Dat leidde tot veel meer werk, maar ons personeels­bestand is niet mee gegroeid’, zegt Verlinden. Er kwamen geen nieuwe medewerkers bij en vertrekkers werden niet vervangen. Pas sinds enkele maanden mag de dienst opnieuw aanwerven.

Jongeren redden de boel 

Sommige diensten en instellingen leiden nu eigen mensen op en laten die certificeren, zodat zij zelf de selectie in handen kunnen nemen. De federale overheidsdienst Financiën heeft inmiddels 46 gecertificeerden in huis, de FOD Binnenlandse Zaken 45. De instellingen vragen (nog meer) autonomie. ‘Wij zijn geen idioten, wij weten welke profielen we nodig hebben’, zegt Ronald Van der Linden.

Verlinden begrijpt die vraag naar meer soepelheid, maar waarschuwt toch. ‘Het gaat om overheidsbanen, er is objectiviteit en transparantie nodig. Alle kandidaten moeten gelijk behandeld worden. We mogen daar niet lichtvaardig mee omspringen.’
Jonge arbeidskrachten onder de 26 jaar moeten intussen de grootste gaten vullen. Voor die ­zogenaamde startbaners uit het Rosetta-plan is geen procedure via Selor nodig. De Regie der Gebouwen heeft er zo een vijftigtal in dienst. ‘Een goede oplossing, maar per definitie tijdelijk’, zegt stafdirecteur Jan Mathu. ‘Als we ze willen houden, moeten ze op hun 26ste toch de Selor-procedure doorlopen.’