Roglic beleeft pechdag maar relativeert: “Het was ook niet mijn slechtste dag”
Foto: EPA-EFE

Primoz Roglic beleefde zondag een rotdag tijdens de vijftiende etappe van de Ronde van Italië. De Sloveen van Team Jumbo-Visma wisselde van fiets met een ploegmaat toen zijn ploegleider een plasje maakte, kon een aanval van zijn opponenten niet beantwoorden en kwam ten val.

Het leverde Roglic een verlies van veertig seconden op roze trui Richard Carapaz, Vincenzo Nibali en Simon Yates op, plus een geschaafd gezicht, maar schijnbaar geen deuk in zijn moraal. “Het was niet mijn beste dag, maar ook niet mijn slechtste”, haalde de dubbele tijdritwinnaar de schouders op. “Gezien alle pech kan ik leven met de uitkomst van deze etappe.”

Eerst moest Roglic in de aanloop naar de laatste helling van de dag na een fietswissel verder op de tweewieler van ploegmaat Antwan Tolhoek, want zijn ploegleiderswagen stond dus aan de kant voor een plas. “Mijn shifter was kapot, dus werkte mijn voorversnelling niet meer. Rijden op de fiets van iemand anders is toch altijd anders dan op die van jezelf.”

Daarna moest hij bergop een kloofje laten bij een aanval van zijn belangrijkste opponenten. “Nibali en Carapaz waren vandaag heel sterk. Het was een goeie aanval, maar zover waren ze niet voorop op de top van de klim. Ik voelde me zelf ook nog goed. Maar in de afdaling nam ik iets te veel risico’s. Ik ging een beetje te snel een bocht in en viel.”

De lichamelijke averij valt volgens Roglic, zichtbaar geraakt aan het hoofd, mee: “Dit is niet zo erg. Ik bloed het meest aan mijn gezicht, maar gelukkig moet ik daar niet mee op de pedalen duwen. We hebben nog een lange weg te gaan. Er kan nog van alles gebeuren, maar ik ga eerst genieten van de rustdag en dan zien we wel.”

In het klassement blijft Roglic tweede, nu op 47 seconden van Carapaz en met nog exact een minuut voorsprong op Nibali.

Ploegleider panikeert evenmin

Ploegleider Addy Engels probeerde de schade te relativeren en verwees vooral naar pech en een samenloop van omstandigheden: “Vandaag gebeurde alles op het verkeerde moment. We hadden Primoz net bevoorraad, stappen terug in en horen via de radio dat Primoz lek reed. Tolhoek was erbij en gaf zijn fiets. We wilden nadien nog wisselen, maar dat was geen tijd meer voor. Alles kon niet slechter vallen.”

Engels zag zijn kopman mentaal niet tenonder gaan. “Dat hij kon blijven doorvechten tot aan de finish, is wel een goed teken. Maar we verliezen vandaag wel een slag, niet de oorlog. Het verlies blijft nog binnen de perken.”

Achteraf werd duidelijk dat Roglic niet lek was gereden maar dat hij problemen kende met het versnellingsapparaat. En dat ploegleider Jan Boven na de bevoorrading nog snel een plaspauze inlaste, was ook een niet onbelangrijk detail.

(belga/bvc)