Unicef verbreekt overeenkomst directeur definitief: ‘We kunnen niet anders’
Eddy Boutmans Foto: BELGA

‘Het vermoeden van onschuld geldt nog steeds, maar we kunnen niet anders’, motiveert Unicef het ontslag van Bernard Sintobin als directeur. Hij wordt genoemd in een onderzoek naar ‘onregelmatig­heden bij de adoptie van kinderen uit Guatemala’.

‘Unicef komt op voor de verdediging van de kinderrechten en kinderwelzijn. Er is dus niets ergers voor onze organisatie dan betrokken zijn bij eventuele malversaties met adoptiekinderen’, motiveert Eddy Boutmans de beslissing. Hij blijft tot eind deze maand voorzitter van Unicef België. De organisatie besloot de overeenkomst met Sintobin te verbreken, nadat hij eerder op non-actief werd gezet. ‘Zo kan hij zich 100 procent richten op zijn verdediging’, vindt Boutmans.

Sintobin moest een week na zijn aanstelling als directeur van kinderrechtenorganisatie Unicef België alweer opstappen. Hij was in de jaren tachtig van de vorige eeuw oprichter en penningmeester van de vzw Hacer Puente. Die vzw faciliteerde adopties van Guatemalteekse kinderen in ons land. Een aantal van die kinderen – volwassenen ondertussen – beschuldigt de vzw van kinderhandel. Ze trokken midden vorig jaar met hun verhaal naar het ­gerecht. Het parket bevestigt dat er een zaak loopt. Sintobin is niet de hoofdverdachte, maar wordt wel genoemd.

Unicef onderstreept dat het een pijnlijke zaak is, maar dat ze zich als organisatie niet kunnen permitteren om ermee verbonden te blijven in de ogen van het publiek. Ze vullen ook aan dat Sintobin op zijn cv aangaf dat hij actief was bij de vzw Hacer Puente, maar vermeldde niet dat er adopties werden uitgevoerd, wat wel het geval was tussen 1985 en 1990-1991. Hij omschreef het werk van de vzw als vrijwilligerswerk in Guatemala. Het vermoeden van onschuld van Sintobin geldt voor Unicef echter nog steeds.