‘Heb ik een fout gemaakt of ben ik goedgelovig geweest? Met die vragen worstel ik’
Theo Francken in de parlementaire hoorzitting. Foto: BELGA

‘Ik sta nog altijd honderd procent achter het redden van Syrische christenen’, zei Theo Francken deze voormiddag in zijn parlementaire hoorzitting over humanitaire visa. Hij deed zelf enkele aanbevelingen om humanitaire operaties beter te organiseren.

Voormalig staatssecretaris Theo Francken verdedigde in de parlementaire hoorzitting deze voormiddag met vuur zijn beleidskeuze om veel humanitaire visa aan Syrische christenen te geven. Hij herhaalde dat hij voor het redden van Syrische christenen een mandaat van het parlement had. Hij verwees daarbij naar resoluties die door het parlement zijn gestemd.

‘Christenen waren het doelgerichte slachtoffer van barbaren. Ik begrijp dat sommige collega’s opmerkingen hebben op mijn uitspraak dat zij uit de klauwen van IS zijn gered. Ik suggereer hen niet zo smalend te doen. Al Nusra is even gevaarlijk als IS. Als ik die formule gebruik, is het slechts een verkorte zegswijze voor een zeer harde realiteit.’

Francken zei dat alle aanvragen voor een humanitair visum door zijn kabinet aan de hand van dezelfde vijf criteria werden beoordeeld. Hadden de personen de Syrische nationaliteit? Ging het om gezinnen met kinderen, alleenstaande vrouwen, bejaarden of mensen met medische problemen - waren ze dus kwetsbaar? Hadden ze een band met familie in België? ‘Dat is belangrijk voor hun integratie’, aldus Francken. Waren ze christen? En: waren ze bij de veiligheidsdiensten bekend?

Geen VIP-behandeling

‘Er was geen sprake van politiek cliëntelisme of een VIP-behandeling’, zei Francken. ‘Wel heb ik voor de selectie van dossiers vertrouwen gegeven aan sleutelfiguren uit de gemeenschap. Dat vertrouwen is in Mechelen mogelijk op schaamteloze wijze misbruikt.’

Francken kwam ook terug op de rol van UNHCR, het vluchtelingenagentschap van de VN. Hij herhaalde dat er geen andere manier was om Syrische christenen direct uit Syrië te redden dan op contactpersonen te vertrouwen, omdat de VN alleen Syriërs hervestigt die al veilig in de buurlanden zitten. Uit een advies van UNHCR blijkt wel dat het VN-vluchtelingenagentschap al in 2015 in Syrië aanwezig was (DS 13 februari), maar Francken betwist dat de VN Syrische christenen (bijvoorbeeld uit Aleppo) had kunnen evacueren.

‘Ik heb nooit het signaal van de VN gekregen dat dit mogelijk was’, aldus Francken. ‘Eind 2014 heb ik een onderhoud met UNHCR gehad. Daarbij is het ook over humanitaire visa gegaan. Maar ik heb nooit een aanbod gekregen om vanuit Aleppo de hervestiging van Syriërs te organiseren. En dat de VN met religie wel rekening zou houden, lijkt me zeer sterk.’

Contactpersonen politioneel screenen

Over het gerechtelijk onderzoek naar Kucam wilde hij geen commentaar geven. Hij zei wel volledig mee te werken met het gerecht.

‘Heb ik een fout gemaakt of ben ik goedgelovig geweest? Met die vragen worstel ik. Ik wil mijn verantwoordelijkheid niet ontlopen.’

‘Ik ben nog altijd trots dat ik mensen uit Syrië heb gered. Ik sta nog altijd honderd procent achter onze reddingsoperaties’, zei Francken.

Toch stelde hij zelf enkele verbeterpunten voor toekomstige humanitaire reddingsoperaties.

‘UNHCR is de eerste, geprefereerde partner om samen te werken. Maar als dat niet kan om de doelstelling van een humanitaire corridor te bereiken, moet het mogelijk blijven om met contactpersonen uit de gemeenschappen te werken.’

‘Contactpersonen zouden ook vooraf politioneel kunnen worden gescreend. Het is misschien wat vreemd om een oud-rector (van de UCL, red.) te screenen. Ik denk niet dat we met zo’n screening veel wijzer zullen worden. Maar dan had ik kunnen zeggen dat het tenminste was gebeurd. Het had mij alleszins meer politieke dekking kunnen geven.’

Beter opvolgen in België

Bij de eerste humanitaire evacuaties kreeg het kabinet alleen de naam van Syriërs, pas veel later ook kopieën van de paspoorten. Francken erkende dat een identiteitscontrole door het kabinet beter van meet af aan gebeurt op basis van een kopie van een paspoort. Hij voegde er wel aan toe dat de echte identiteitscontrole op de ambassade in Beiroet gebeurde, waar de Syriërs zich in persoon moest aanmelden om een visum te krijgen.

Op het einde van Franckens staatssecretariaat werd hij overstelpt met aanvragen van Syriërs, zelfs uit buurlanden van Syrië, erkende Francken. ‘Telkens een visum werd goedgekeurd, kregen we nieuwe aanvragen van andere Syriërs uit dezelfde streek. De toestroom nam exponentieel toe. Richtlijnen om die toevloed onder controle te houden, kunnen nuttig zijn. Want als het in die gemeenschappen de ronde gaat dat je aan aanvraag kan indienen, kan je het niet meer de baas.’

‘Na het afleveren van het visum, kunnen de mensen ook beter worden opgevolgd. Iedereen kreeg normaal een afspraak bij de Dienst Vreemdelingenzaken om een asielaanvraag in te dienen. Er werd niet altijd teruggekoppeld of iedereen wel op die afspraak was komen opdagen.’

‘Sommige collega’s zeggen me nu: ik had het voorspeld dat het fout zou lopen, er was weinig transparantie voor het parlement. Ik heb geen probleem met meer transparantie geven, maar alleen als dit geen mensenlevens in gevaar brengt.’