Dan toch geen worstenmuseum in voormalig nazikamp bij Buchenwald
Foto: dpa

Plannen om een museum gewijd aan de Thüringse braadworst te verhuizen naar de site van een concentratiekamp uit de Tweede Wereldoorlog zijn definitief van de baan. De Joodse gemeenschap in Duitsland haalt opgelucht adem.

Het idee om een worstenmuseum te bouwen op de site van een voormalig nazikamp kwam van de Vrienden van de Thüringse Worst, een vereniging die nu al een museum uitbaat dat is gewijd aan de plaatselijke lekkernij. Zij bedachten het idee om het huidige museum te verplaatsen naar de buitenwijken van de stad Mühlhausen, tachtig kilometer ten noordwesten van het concentratiekamp Buchenwald.

Maar op die site werden destijds honderden Joodse vrouwen opgesloten. Andere gevangenen werden doorgesluisd naar Buchenwald, waar tussen 1937 en 1945 280.000 mensen werden opgesloten. Meer dan vijftigduizend van hen overleefden dat niet, door honger, ziektes en medische experimenten. Op de plannen kwam dan ook zoveel kritiek, dat die werden geschrapt.

‘Ik ben blij dat op een consensuele manier is beslist om een nieuwe locatie voor het museum te zoeken’, zegt voorzitter Josef Schuster van de Centrale Raad van Joden in Duitsland, die sterk tegen het project had geprotesteerd, dinsdag in de Tagesspiegel.

Het worstenmuseum verontschuldigt zich op zijn website ook aan iedereen die ‘de plannen beschouwde als een minimalisering of een relativering van de misdaden van het nationaal-socialisme’ en betreurde niet eerder op de hoogte te zijn gesteld over de historie rond de nieuwe site.