CD&V wil klimaattoer houden langs Vlaamse scholen
Foto: BELGA

‘Politieke recuperatie? Complete nonsens’. CD&V-voorzitter Wouter Beke verdedigt de open brief van de CD&V fractie, waarin de partij scholen voorstelt een lesuur uit te trekken voor een gesprek over het klimaatbeleid met een CD&V-parlementair.

In de open brief vraagt de CD&V-fractie aan de spijbelende leerlingen om ‘aan de schoolplicht te voldoen en lessen bij te wonen’. De partij wil de komende dagen en weken langsgaan bij scholen en in ‘debat gaan met de scholieren over klimaat en het beleid ter zake.’ Daarvoor vraagt CD&V of ‘onze parlementair een uurtje van de lestijd kan krijgen om alzo de leerlingen van het vijfde en zesde jaar gehoor te geven.’

Politieke recuperatie? ‘Complete nonsens,’ verdedigt CD&V-voorzitter Wouter Beke zich vandaag in het actualiteitsprogramma De Zevende Dag. ‘Men wil politieke standpunten en een stand van zaken. Daarop willen wij ingaan, en dat is geen politieke recuperatie. Dat is onze verantwoordelijkheid nemen.’

‘Kernenergie niet de toekomst’

Het charmeoffensief van CD&V komt er na felle kritiek van de spijbelende scholieren op minister van Omgeving, Natuur en Landbouw Joke Schauvliege. Beke verdedigt het gevoerde beleid: ‘Het Klimaatdebat is niet gebaat bij doemdenkerij van links en rechts. Links zegt dat er nog niets gebeurd is: dat is niet waar. Rechts zegt dat bijkomende maatregelen onze economie doet imploderen. Ook dat is niet waar.’

Beke mengde zich ook in de discussie rond kernenergie. De CD&V-voorzitter haalde daarbij uit naar de N-VA, die een verlenging van enkele kerncentrales opnieuw op de agenda zette. ‘Kernenergie is niet de toekomst,’ zei Beke. ‘De kostprijs is te hoog. Het is jammer dat de N-VA in het parlement de uitfasering mee goedgekeurd heeft, maar er aan de andere kant nu wel een fuzz over maakt.

CD&V broedt ook op een concreet klimaatpact waarbij alle overheden zich ertoe engageren 3 procent van het bnp te investeren in openbare werken, gebouwen en mobiliteit. Dat zou concreet neerkomen op een extra investering van 600 miljoen euro voor het federale niveau en 1,3 miljard euro voor Vlaanderen.