Binnenlandse adopties op laagste peil in jaren: 'Wereld niet op zijn kop zetten'
Lorin Parys (N-VA) Foto: rr
Het aantal binnenlandse adopties daalt, waardoor de wachttijd weer stijgt. ‘Maar als het systeem werkt, is dat een goed signaal’, zegt Lorin Parys (N-VA)

In 2017 waren er met 29 plaatsingen nog uitzonderlijk veel binnenlandse adopties, in 2018 is dat aantal gedaald naar 19. Dat blijkt uit cijfers die Vlaams Parlementslid Lorin Parys (N-VA) opvroeg bij bevoegd minister Jo Vandeurzen (CD&V). In tien jaar lag het cijfer nooit zo laag.

Volgens Leen Du Bois van Kind en Gezin, waaronder het Vlaams Centrum voor Adoptie (VCA) valt, is er toch geen sprake van een dalende trend. ‘Het aantal binnenlandse adopties schommelt al jaren tussen de 20 en 30 per jaar. Dat het daar nu net onder ligt, is niet dramatisch.’

Erger is dat ook het aantal interlandelijke adopties – van kinderen uit het buitenland – de laatste jaren stevig is gedaald: van 210 plaatsingen in 2008 tot 63 in 2017. De cijfers van vorig jaar zijn nog niet bekend, maar het VCA verwacht opnieuw een daling. ‘Veel landen voeren nu een andere politiek en ontwikkelen bijvoorbeeld zelf een systeem voor binnenlandse adoptie’, merkt Lorin Parys op. 

Met broers en zussen

Daardoor kunnen Belgische koppels steeds moeilijker tot adoptie overgaan. ‘Maar we mogen de wereld niet op zijn kop zetten’, waarschuwt Parys. ‘Als er voor kinderen in eigen land een oplossing is, ben ik blij. We doen niet aan adoptie om mensen op de wachtlijst van een gezin te voorzien, maar om kinderen die geen andere optie hebben aan een gezin te helpen.’

De wachttijd voor adoptie was in Vlaanderen de laatste jaren iets afgenomen, stelt Parys. ‘Tussen de aanmelding en de adoptie zit nog 5 à 6 jaar, waar dat enkele jaren geleden nog 8 à 9 jaar was.’ Nu zal de wachttijd dus weer oplopen. ‘Maar als ons systeem goed werkt, is dat een goed signaal. Als de wachttijd langer wordt door een slechte organisatie, is dat uiteraard niet goed.’

‘Vanuit het buitenland worden nog veel kinderen ouder dan 8 jaar geadopteerd, kinderen met een beperking, of kinderen die met broers en zussen komen’, benadrukt Parys. ‘We werken nu al met een wachtbeheer, niet iedereen kan zich nog aanmelden. Ouders die voor die kinderen willen zorgen, worden uit de wachtrij gepikt en mogen sneller doorstromen.’

Parys is zelf behalve adoptieouder ook pleegouder. ‘Het zijn twee verschillende systemen, maar je hebt langs de ene kant wel ouders die wachten op een kind en aan de andere kant kinderen die wachten op ouders. In pleegzorg zorg je voor een kind van iemand anders, maar je kan er wel voor kiezen om alleen aan langdurige pleegzorg te doen. Zo’n 500 kinderen wachten op een pleeggezin. Als we adoptiekandidaten door sensibilisering aan één pleegkind kunnen koppelen, is het al de moeite waard.’