File duwt pendelaars de trein op
Tegen 2020 wil de NMBS 10.000 extra zitplaatsen realiseren. Foto: jimmy kets
Het aantal treinreizigers nam voor het tweede jaar op rij toe met ruim drie procent. Waar het aanbod verhoogde, volgden de passagiers met velen.

Station Noorderkempen zag een toename van het aantal trein­reizigers met ruim de helft. Sinds de trein van De Panne naar Landen tijdens het weekend elk uur rijdt, in plaats van om de twee uur, trekt hij 75 procent meer passagiers. En een nieuwe verbinding tussen Gent en Lokeren telt iedere werkdag 1.300 pendelaars. De voorbeelden zijn talrijk: waar het treinaanbod toenam, volgden de reizigers afgelopen jaar in groten getale.

Ondanks historisch lage tevredenheidscijfers en een verslechterende stiptheid is het totale aantal ritten met de trein in 2018 voor het tweede jaar op rij met ruim drie procent toegenomen. Dat is goed voor zo’n acht miljoen extra ritten, wat het totaal op bijna 243 miljoen brengt. Een absoluut record. Het is van 2008 geleden dat de groei zo uitgesproken was als in 2018 en 2017.

Voor­stedelijke netwerken 

De huidige hoge vlucht loopt niet toevallig samen met de uitrol van het nieuwe vervoersplan van de NMBS. Dat leidt tot een toename van het treinaanbod met 5,1 procent tussen december 2017 en eind 2020. Het overgrote deel van die uitbreiding is al gerealiseerd. Een op de vijf haltes wordt frequenter bediend. Het aanbod nam toe waar de vraag het grootst was en dat is vooral op  de voor­stedelijke netwerken rond Gent, Antwerpen en Brussel.

Maar toch. ‘Extra treinen betekenen niet automatisch direct meer reizigers’, zegt Stefan Stynen van Treintrambus. ‘Doorgaans vraagt dat enige tijd. Ruim drie procent extra reizigers en dat twee jaar na elkaar, is een mooi resultaat. Dit toont nog altijd het grote potentieel van de trein.’

Auto­kilometers 

De toename van het aantal reizigers bij de NMBS liep alvast in 2017 samen met een stagnering van het aantal afgelegde auto­kilometers op Belgische wegen, na een periode van ongebreidelde groei. Voor het eerst in tien jaar reed de gemiddelde personenwagen ruim minder dan 15.000 kilometer (DS 30 november).

Uit het recentste Onderzoek Verplaatsingsgedrag bleek bovendien dat het aandeel van de auto als verplaatsings­middel voor het eerst in vele jaren is af­genomen. Winnaar is vooral de fiets, maar ook het openbaar vervoer. ‘De mensen zijn de files zo beu dat ze op zoek gaan naar alternatieven’, is de analyse van mobiliteits­wetenschappers. Ook de NMBS plukt daar de vruchten van.

Verouderde vloot

Maar de aanhoudende groei van het reizigersaantal stelt ook scherp op de grote uit­dagingen voor het spoorbedrijf. Want ook vorig jaar ging het met de stiptheid van de treinen verder de verkeerde richting uit. Volgens de NMBS is er geen directe link tussen die twee. Maar, bevestigt woordvoerder Bart Crols, haar materieel is verouderd en ouder materieel valt vaker in panne. Door de verhoging van het aanbod doet de NMBS al enkele jaren vaker een beroep op oudere wagons en locomotieven.

‘Daarom is de komst van nieuwe dubbeldeksvoertuigen – de M7-treinen – zo belangrijk’, zegt Crols. Die hadden vanaf  september geleverd moeten worden, maar de  445 wagons en locomotieven lopen al zeker tot midden 2019 vertraging op. ‘Daarnaast zetten we in op efficiënter onderhoud van onze huidige vloot, zodat we die beter kunnen benutten.’ Tegen 2020 wil de NMBS zo 10.000 extra zit­plaatsen.

Niet alleen het materieel, maar ook de spoorinfrastructuur, die de verantwoordelijkheid is van Infrabel, begint op limieten te stuiten, zegt Stefan Stynen. ‘Ik denk dan uiteraard aan de noord-zuid­verbinding  door Brussel, maar er zijn veel voorbeelden te geven.’ Onder het mom van besparingen werden her en der wissels weg­gehaald, ‘wat de flexibiliteit op het net ook niet ten goede komt’.

Zes jaar vertraging

‘Om de toename van het aantal trein­reizigers te kunnen blijven opvangen, is dringend een gedegen langetermijnvisie nodig’, zegt Stynen. ‘Deze nieuwe statistieken zijn het best mogelijke argument om nog meer in te zetten op een uitbreiding van het aanbod. Want de groeimarge op het spoor, terwijl de files aandikken, is groot.’

De nieuwe beheersovereenkomst tussen de NMBS en de regering, waarin zo’n visie op de toekomst van de spoormobiliteit vervat kan zitten, loopt intussen al zes jaar vertraging op. Minister van Mobiliteit François Bellot (MR) kondigde haar voor eind dit jaar aan, maar  de val van de regering haalde hem in. De NMBS werkt alvast aan het volgende vervoersplan, dat ze in 2020 wil uitrollen.