MIVB zoekt permanent technische profielen
Jan De Ridder, Head of Competence Center Studies Network bij MIVB. Foto: (bdw)
Meewerken aan projecten met een maatschappelijk nut. Dat is voor Jan De Ridder (44) uit Eksaarde (Lokeren) een belangrijke meerwaarde in zijn job als Head of Competence Center Studies Network bij de MIVB, de Maatschappij voor Intercommunaal Vervoer in Brussel. Variatie en een brede waaier aan projecten zorgen ervoor dat iedere dag weer een uitdaging is.

Als burgerlijk ingenieur bouwkunde met een postgraduaat bedrijfsbeheer was Jan De Ridder vanuit het studiebureau TUC Rail betrokken bij de ontwikkeling van de HST in België. In 2005 stapte hij over naar Wavin, een leverancier voor de bouwsector, als verantwoordelijke voor de studiedienst en de commerciële binnendienst in België. Zes jaar later startte hij als manager bij de studiedienst Spoor van de MIVB, een afdeling met 27 medewerkers. “Voor mij was dit een onbekende omgeving maar tijdens de selectieprocedure en na gesprekken met diverse personen raakte ik al snel onder de indruk van het potentieel van de MIVB.”

Inventieve oplossingen

Als Head of Competence Center Studies Network is Jan De Ridder mee verantwoordelijk voor alle studies van spoorprojecten. “Een studie bekijken wij vanuit een ruime context. Het gaat niet alleen om het ontwerp van sporen maar ook de ganse wegenis eromheen met de nodige aandacht voor de slijtage van de sporen en veiligheidsrisico’s.”

Een tweede cel binnen de afdeling houdt zich bezig met ‘speciale technieken’, het gaat om alle prefab materialen die gebruikt worden voor de spooraanleg. “We nemen daarbij de productie en levering voor onze rekening en voeren studies uit gericht op het verminderen van trillingen en geluid. Een derde cel betreft de projecten bovenleidingen waarvan zowel studie, levering als uitvoering deel uitmaken.”

Ieder jaar worden 12,5 km sporen vervangen

Jan De Ridder is gepassioneerd door zijn job omwille van de vele contacten en inhoudelijke aspecten. “Soms heb ik op een dag acht vergaderingen met zowel interne klanten, gemeenten, gewest, enz. Daarnaast heb ik regelmatig overleg met mijn eigen medewerkers rond technische of organisatorische problemen. Voorts stel ik investeringsbudgetten op zowel voor de korte als de lange termijn.”

Een heel belangrijk issue is de vervanging van de sporen. “Sporen hebben een gemiddelde levensduur van 25 jaar. Met 300 km enkelspoor voor de tramlijnen moet er dus ieder jaar 12,5 km spoor worden vervangen. De impact hiervan is niet te onderschatten zowel wat betreft exploitatieonderbrekingen als mobiliteitsproblemen.”

Mobiliteit versterken

Openbaar vervoer is een cruciale mobiliteitsfactor in Brussel en het belang ervan zal alleen maar toenemen. “Daarom vind ik het aangenaam om te werken aan projecten met een maatschappelijk nut. Ik draag graag mijn steentje bij om de kwaliteit van de mobiliteit in Brussel te versterken zowel op het vlak van onderhoud als de uitbreiding van het net. Speciale projecten zoals de modernisering van de metro maken het werk extra boeiend, door automatisatie zullen we de frequentie en de capaciteit van de metro kunnen verhogen.”

Lees verder:

>

>

>