Schoenfabriek Eperon d’Or valt dubbel in de prijzen
Foto: rr
De voormalige schoenfabriek Eperon d’Or krijgt niet alleen de Onroerenderfgoedprijs, maar ook de Publieksprijs. Dat is dus opgeteld 15.000 euro.

De Onroerenderfgoedprijs, aan zijn derde editie toe, stond dit jaar in het teken van erfgoed dat publiek toegankelijk is. In aanmerking komen monumenten, landschappen of archeologische projecten die recentelijk gerealiseerd zijn. Ondanks die brede waaier bestonden de drie finalisten uit gebouwen. De Heilige Geestsite in Mechelen, vlak onder de Sint-Romboutstoren, is van een dertiende-eeuwse kapel verbouwd tot jeugdtheater De Maan. De Abdij van Averbode trok met B-Architecten en Omgeving een beleveniscentrum op.
Het was echter Eperon d’Or, een voormalige schoenfabriek uit Izegem, die het haalde. De familie Vandommele liet in 1930 met een nieuw art-decogebouw zien dat de zaak floreerde. Er werkten toen 180 arbeiders die handmatig luxeschoenen vervaardigden. Chaussures d’Izeghem was een keurmerk.

Een lokale architect, Charles Laloo, tekende het ontwerp. Met zijn luifel en fries tekende hij krachtige horizontale lijnen. Naast de merknaam in goudkleur staat trouwens fier vermeld dat het huis hofleverancier was van het Belgisch en Luxemburgs hof.
Voorts maakte Laloo met een verticale hoektoren en hoge rondboogvensters opwaartse accenten. Zijn creatieve baksteenpatronen verraden invloed van de Amsterdamse school.

Borstels voor hoeden, snorren en piano's

In 1968 liep de laatste schoen van de band, in 1999 werd het gebouw beschermd. Bij de restauratie zijn de geometrische patronen van de granito-vloeren en het gehamerd glas mooi hersteld.

Eperon d’Or is nu een museum en beleveniscentrum. Aan de hand van 3.700 paar schoenen vertelt het museum het verhaal van de schoenproductie. Daarnaast is er een collectie met borstels van de meest uiteenlopende soort: voor hoeden, snorren en piano’s. Een parcours licht de industriële evolutie toe.