'Politieke sabotage’ in Irak? Grootste fracties parlement eisen ontslag premier
Foto: REUTERS

De twee lijsten die in Irak als koplopers uit de parlementsverkiezingen van mei kwamen, eisen het ontslag van de Iraakse premier. Als reden geven ze het falen van de regering om de crisis in Basra op te lossen op. Premier Haider al-Abadi spreekt op zijn beurt van 'politieke sabotage' bij de crisis in Basra.

‘We vragen de regering zich te verontschuldigen bij het volk en meteen ontslag te nemen’, zei Hassan al-Aqouli, parlementslid en woordvoerder van de lijst van Moqtada Sadr. Ahmed al-Assadi, woordvoerder van de andere lijst, die anti-jihadistische oud-strijders groepeert, hekelde het ‘falen van de regering om de crisis in Basra op te lossen’, de stad in het zuiden van het land waar deze week twaalf betogers werden gedood en heel wat instellingen in brand gestoken.

De twee politici deden hun uitspraken na een zitting van het parlement over de crisis in Basra.

‘Politieke sabotage’

De Iraakse regeringsleider Haider al-Abadi moest tijdens die zitting in het parlement uitleg geven over de sociale crisis in de zuidelijke stad Basra, waar deze week twaalf betogers zijn gedood en instellingen in brand werden gestoken. De premier stelde er ‘politieke sabotage’ aan de kaak. Hij riep op de ‘politieke dimensie’ van de protestbeweging gescheiden te houden van de ‘kwestie van de openbare diensten’. Sinds begin juli betogen duizenden Irakezen regelmatig tegen de tekorten aan water en elektriciteit. Ze eisen werkgelegenheid en overheidsdiensten die behoorlijk werken. Ook hekelen ze de corruptie bij de politici.

In Basra werden sinds 12 augustus meer dan 30.000 mensen met vergiftigingsverschijnselen in het ziekenhuis opgenomen nadat ze water hadden verbruikt dat door de autoriteiten verdeeld was. Dit lokt sinds dinsdag nieuwe massabetogingen uit, die soms met geweld gepaard gaan.

Voor het parlement verdedigden de ministers van Binnenlandse Zaken en van Defensie de ordetroepen, die door mensenrechtenverdedigers beschuldigd worden van het gebruik van ‘buitensporig geweld’ tegen de betogers. ‘De strijdkrachten hebben geen enkel mandaat gekregen om op de burgers te schieten’, zei minister van Defensie Arfan al-Hayali zaterdag. De minister van Binnenlandse Zaken, Qassem al-Aaraji, sprak van ‘sancties’ en ‘verscheidene wijzigingen binnen het bevel’.

De regering kondigde opnieuw fondsen voor Basra aan, maar de betogers zeggen dat ze nog niets gezien hebben van de miljarden dollars die in juli aangekondigd waren.