Regering heeft akkoord over energiepact en zware beroepen
Premier Charles Michel Foto: Photo News
De Belgische regering heeft een akkoord bereikt over enkele belangrijkste dossiers. Het gaat zowel om het energiepact als om de zware beroepen. Ons land houdt vast aan de kernuitstap in 2025.

Het dossier over het energiepact sleept al lang aan. Er was vorig jaar een akkoord bereikt, maar uiteindelijk verzette N-VA zich, omdat de partij zich zorgen maakt over de haalbaarheid van de kernuitstap. Premier Michel verduidelijkt dat ons land wel degelijk vasthoudt aan de geplande kernuitstap in 2025. De regering wil een robuust en betrouwbaar elektriciteitsstelsel garanderen. Daarvoor is er nood aan bijkomende productiecapaciteit, investeringen in interconnecties, flexibiliteit en vraagbeheer. Het voorontwerp van de wet zal aan de ministerraad worden voorgelegd tegen 31 mei 2018.

Het energiepact steunt op vier criteria die de regering eerder al had vastgelegd: de bevoorradingszekerheid, de klimaatakkoorden van Parijs respecteren, de veiligheid van de installaties zo hoog mogelijk houden en de competitiviteit van bedrijven en koopkracht van de gezinnen.

Als tegemoetkoming naar de industrie wil de regering nu een 'energienorm' introduceren. Die moet ervoor zorgen dat de verschillende onderdelen van de energieprijs in ons land niet duurder zijn dan onze buurlanden. Er zal daarbij extra aandacht zijn voor grote industriële bedrijven. Een ontwerp hierover moet klaar zijn tegen 20 juli. Er komt ook een 'Federaal Energie Comité', waarin de verschillende overheden zullen overleggen met werkgevers en industrie.

Daarnaast is afgesproken dat een aantal zaken expliciet gemonitord zullen worden. Het gaat dan om zaken als de prijsevolutie en de bevoorradingszekerheid, maar ook de veiligheid van de kerncentrales en de impact op het klimaatbeleid.

Zware beroepen

Ook over de zware beroepen is er een doorbraak bereikt. Er zou een kader zijn vastgelegd waarbinnen minister van pensioenen Daniel Bacquelaine verder moet werken. Wie een zwaar beroep heeft, zal ofwel vroeger met pensioen kunnen ofwel een hoger pensioen krijgen. De regering moet nu de lijst van zware beroepen nog vastleggen. Minister Bacquelaine moet daarover met de vakbonden onderhandelen. Mensen met zware beroepen kunnen tussen twee en zes jaar vroeger met pensioen, maar nooit voor zestig jaar.

'We vervolledigen de hervorming die mensen wat langer moet laten werken om het systeem betaalbaar te houden', zei minister Bacquelaine. 

Criteria
De criteria voor zware beroepen waren al bekend: fysiek zwaar werk, belastende werkorganisatie of gevaarlijk werk. Stress kan in rekening worden gebracht als verzwarend criterium. Op elke periode waarin iemand een zwaar beroep heeft uitgeoefend, worden coëfficiënten (1,05 , 1,10 of 1,15) toegepast.

Bacquelaine mag nu met de sociale partners van de overheidssector, binnen het comité A, overleggen over zijn wetsontwerp. Dat ontwerp gaat ook meteen naar de Nationale Arbeidsraad, want de regering wil een gelijkaardig systeem voor de privésector. In het overleg zal bepaald worden welke lijsten van jobs daar binnen passen. Ook de mate waarin gelijkgestelde periodes, zoals ziekte en tijdskrediet, meetellen, is voorwerp van dat overleg. Bacquelaine hoopt de lijsten met zware beroepen voor de zomer rond te hebben.
De huidige preferentiële regimes voor het rijdend personeel van de spoorwegen (pensioen op 56) en voor militairen (pensioen op 55) verdwijnen. Er is wel sprake van een overgangsperiode van 20 jaar. Het Planbureau zal vervolgens nagaan wat de budgettaire impact van de hervorming zal zijn