Descheemaecker: ‘Meerdere dossiers tegen Meeuws’
Marc Scheemaecker Foto: Bart Dewaele

Het gaat in de klacht tegen voormalig De Lijn-directeur en SP.A-politicus Tom Meeuws niet alleen over het opsplitsen van facturen. Dat zegt De Lijn-voorzitter Marc Scheemaecker (N-VA) in een gesprek met De Ochtend op Radio 1.

Over de precieze kwalificatie wil Descheemaecker zich niet uitspreken, maar volgens hem zou het gaat over het niet respecteren van de wet op de overheidsopdrachten en het oneigenlijk gebruik van vennootschapsgoederen. Het opsplitsen van facturen waarvan sprake is, is volgens Descheemaecker slecht ‘een technisch elementje’. De feiten zouden dateren van 2014.Descheemaecker zegt dat het gaat om 'meerdere dossiers'.

Het zou gaan om minstens twee dossiers. Vooreerst is er het openingsfeest van de Reuzenpijp in 2015, de onmiddellijke aanleiding voor zijn ontslag. Maar na het vertrek van Meeuws vlooide De Lijn ook andere beslissingen uit. Daarbij botste de juridische dienst op een uitgave van 151.000 euro ten voordele van een pilootproject om scholieren op te leiden voor een technische carrière bij De Lijn. Meeuws werkte daarvoor samen met Luc Lamote, een gepensioneerde schooldirecteur die ooit voor Groen in de provincieraad zat.

'Met grote verbazing'

De voorzitter van de De Lijn zegt dat het openbaarvervoerbedrijf op advies van zijn advocaten de zaak bij justitie heeft aangemeld. Hij zegt ‘met grote verbazing’ kennis te hebben genomen van kranteninterviews waarin Meeuws de dading die bij zijn vertrek werd gesloten, heeft publiek gemaakt. ‘Als hij de zaak op tafel gooit en dreigt een klacht in te dienen, kan je niet anders dan zelf de zaak te melden’. 

Dat de zaak net uitgelekt is op de dag dat de SP.A bekendmaakte dat niet Meeuws maar Jinnih Beels de lijst bij de gemeenteraadsverkiezingen in Antwerpen zal trekken, is volgens Descheemaecker 'zuiver toeval'. Dat heeft ermee te maken dat een journalist via de wet op de openbaarheid van bestuur inzage in de correspondentie had gevraagd. De zaak werd afgewezen, maar in het antwoord werd de klacht tegen Meeuws wel vernoemd.