Moorden op journalisten zelden opgelost
Journaliste Daphne Caruana Galizia liet het leven bij een bomaanslag in Malta. Ze onderzocht corruptie en andere wanpraktijken. Foto: AP
Slechts één op de tien moorden op journalisten wordt effectief onderzocht. Journalisten die te maken krijgen met bedreigingen en aanvallen worden bovendien te weinig bijgestaan door de overheid. Dat zegt de Internationale Federatie van Journalisten (IFJ).

Vooral in conflictgebieden is het slecht gesteld met de bescherming van journalisten. Dat blijkt uit de de index van het Comité voor de Bescherming van Journalisten (CPJ) met de landen waar moordenaars van journalisten het vaakst vrijuit gaan bij gebrek aan onderzoek. De CPJ stelt zijn ranglijst op volgens het aantal onopgeloste moorden in de voorbije tien jaar, in verhouding tot de totale bevolking.

De meeste onopgeloste moorden vonden plaats in Irak: 34 in tien jaar tijd. Maar als we ook rekening houden met de bevolkingscijfers, voert Somalië voor het derde jaar op rij de ranglijst aan. De voorbije tien jaar werden er in Somalië 26 journalisten vermoord zonder reactie van de overheid. Syrië stijgt naar de tweede plaats op de ranglijst. Vorig jaar stond het land nog op de derde plek. Irak staat op plaats drie. Politieke verslaggevers en oorlogsjournalisten lopen het meeste risico. 

Dit jaar stierven er wereldwijd al 56 journalisten, meldt de IFJ. Over heel 2016 kwamen er 93 journalisten om het leven. Volgens de organisatie wordt maar een op de tien moorden op journalisten onderzocht.