Belgian Bullets vol vertrouwen voor nieuw bobsleeseizoen: droom is olympisch diploma op “favoriete baan”
Foto: Dirk Van de Velde

Over ruim een maand, op 9 en 10 november, staat in het Amerikaanse Lake Placid de eerste manche van het nieuwe wereldbekerseizoen bobslee op het programma. Elfje Willemsen, het gezicht van de Belgian Bullets, start er haar campagne richting de Winterspelen van Pyeongchang in februari 2018. Kwalificatie voor Zuid-Korea mag in principe geen probleem zijn. Na zeven WB-manches wordt de ranking opgemaakt.

Willemsen, een voormalig speerwerpster, nam al twee keer deel aan de Spelen. In 2010 werd ze, met remster Eva Willemarck, veertiende in Vancouver. Vier jaar later volgde, met Hanna Mariën in de bob, een knappe zesde plaats in Sotsji. Sinds vorig seizoen vormt Willemsen een duo met gewezen topatlete Sara Aerts.

“Ik ken Sara al lang. We hebben in dezelfde atletiekclub gezeten en hebben samen als 16-jarigen nog deelgenomen aan een WK voor scholieren. We hebben ook ongeveer dezelfde leeftijd en zij heeft ook de ervaring van een olympische deelname. Dat is wel fijn”, zegt Willemsen donderdag tijdens een persmoment in Antwerpen.

De 31-jarige Turnhoutse beseft dat er na haar zesde plaats in Sotsji bepaalde verwachtingen zijn, maar daar kan ze mee om. “Het worden mijn derde Spelen, ik heb alles al eens meegemaakt, dus dat is zeker een pluspunt. Ik weet hoe met druk om te gaan. Beter doen dan in Sotsji is altijd het doel geweest dat ik voorop heb gezet. Als dat lukt, zijn de medailles dichtbij. Ik zeg niet dat het zal lukken maar het kan.”

De start blijft voor Willemsen hét werkpunt. “Dat maakt nog het verschil met de absolute top. Maar we hebben deze zomer, met de begeleiding van onze fysieke coach Fernando, op dat vlak flinke sprongen vooruitgemaakt. Sara had tot vorig jaar nog geen bobslee gezien dus zij heeft ondertussen ook op technisch vlak veel progressie geboekt. Zelf ben ik fysiek ook sterker geworden in vergelijking met een jaar geleden. We kunnen vol vertrouwen aan het seizoen beginnen.”

Met An Vannieuwenhuyse zal België in Pyeongchang in principe nog een tweede pilote aan de start brengen. “Ik vind het goed dat we er staan met twee teams. Dat maakt ons als land sterker”, zegt Willemsen. “Of ik haar ook als een concurrente zie? Sowieso wil je altijd beter zijn dan de rest. Ze heeft mij één keer verslagen (in maart in de WB van Pyeongchang, red) maar dat heeft mij wakker geschud want dat had ik wel nodig na vorig seizoen. Deze zomer heb ik tien keer harder gewerkt dan ooit tevoren en dat vertaalt zich in de fysieke testen.”

Met het leven na Pyeongchang is Willemsen nog niet bezig. “Ik focus mij nu volledig op de training. Na de Spelen ga ik mijn opties rustig bekijken. Maar nu mag ik daar niet mee bezig zijn.”

Vannieuwenhuyse droomt van olympisch diploma

Naast vertrouwd gezicht Elfje Willemsen zal België op de Winterspelen van februari 2018 in het Zuid-Koreaanse Pyeongchang met An Vannieuwenhuyse in principe nog een tweede deelnemer in het bobslee afvaardigen. Volgende maand start de jacht op een olympisch ticket tijdens de openingsmanche van de wereldbeker in het Amerikaanse Lake Placid.

“Als alles gaat zoals de voorbije jaren, mag kwalificatie geen probleem zijn en moeten we ons plaatsen met de twee teams. Als we zonder kleerscheuren door de wedstrijden komen, geef ik ons zeker 90 procent kans om er met twee ploegen te staan”, blikt Vannieuwenhuyse donderdag vooruit tijdens een persontmoeting in Antwerpen.

Half maart was de baan in Pyeongchang het decor voor de slotmanche van de wereldbeker. Vannieuwenhuyse werd er mooi achtste, voor Elfje Willemsen die als veertiende eindigde.

“Ik had de baan snel in de vingers. Het is een heel technische en uitdagende baan”, legt Vannnieuwenhuyse uit. “Tijdens de race viel alles mooi in elkaar. De starttijden waren iets minder omdat ik toen een dubbele oorsteking had en Sophie (Vercruyssen, haar remster, red) met een hernia sukkelde, maar de afdalingen verliepen heel vlot. Het is zeker een van mijn favoriete banen en ik kijk ernaar uit om er terug te keren.”

Dat Vannieuwenhuyse op de olympische baan de meer ervaren Willemsen kon verslaan, noemt ze “een mooie meenemer”. “Wat mij vooral blij maakte, was die achtste plaats in een internationaal deelnemersveld. Dat ik daarmee als beste Belgische eindigde, was een mooie bonus.”

Vannieuwenhuyse, 26, heeft er geen moeite mee te erkennen dat de zes jaar oudere Willemsen in de hiërarchie nog altijd een trapje boven haar staat. “Qua materiaal beschikken we over quasi gelijkwaardige middelen. Het verschil zit vooral in de ervaring die Elfje heeft opgebouwd en in de remster die ons wordt toegewezen”, legt ze uit. “Elfje krijgt de eerste en ik de tweede. Hoe groter het verschil tussen die twee, hoe nadeliger voor mij. Maar dat probeer ik met mijn eigen sterktes te compenseren, onder meer door keihard te trainen zodat mijn starttijden zo goed of zelfs beter als team 1 zijn.”

In Pyeongchang hoopt Vannieuwenhuyse de top tien te halen. “Als ik mijn contract wil behouden, moet ik top twaalf halen. Tijdens het testevent in Pyeonchang werd ik achtste, dus dan lijkt een tiende plaats mij een mooi compromis en een resultaat waarvoor ik moet gaan. Ik droom wel van een olympisch diploma (top acht). Ik heb er vorig jaar met die achtste plaats laten zien wat ik kan. De baan ligt me goed, fysiek ben ik vooruitgegaan. Het is zeker mogelijk.”

In tegenstelling tot Elfje Willemsen weet An Vannieuwenhuyse nu al dat ze na Pyeongchang wil doorgaan als Belgian Bullet. “Dat is voor mij duidelijk. Ik wil zeker nog vier jaar verder doen. Ik wil gaan voor een medaille in Peking in 2022. Ik ben nu 26, dan pas zal ik op mijn hoogtepunt staan en hoop ik mijn topprestatie te leveren. Nu hoop ik ook al een mooi resultaat te halen maar een medaille in Peking is het doel.”

Meylemans: “Natuurlijk droom ik van een medaille”

Met een vijfde plaats op het WK skeleton verraste Kim Meylemans dit voorjaar menig waarnemer. Of ze in februari 2018 tijdens de Winterspelen in Pyeongchang even hoge ogen kan gooien, is nog afwachten. Maar met het vertrouwen zit het alvast snor.

“Ik voel me heel goed. Het is hoog tijd dat het seizoen eindelijk kan beginnen”, lacht ze donderdag tijdens een vooruitblik op de komende campagne in Antwerpen. “Ik heb een heel goeie voorbereiding achter de rug. Voor de allereerste keer heb ik een volledige zomer kunnen doortrainen. Dat zie je nu aan mijn starttijden. Die heb ik met bijna 15 honderdsten kunnen verbeteren, een enorme stap. Die progressie wil ik nu zo snel mogelijk tonen in wedstrijden.”

Volgende maand opent het wereldbekerseizoen. Daarin moet Meylemans zich plaatsen voor Zuid-Korea. De skeletoni verwacht weinig problemen. “Indien alles normaal verloopt, zou er geen probleem mogen zijn, al is het natuurlijk altijd een beetje afwachten”, zegt Meylemans.

Vorig seizoen verliep voor de in Duitsland geboren Meylemans aanvankelijk niet zoals verhoopt. “Ik kende heel wat problemen met het materiaal en ik ben ook eens gecrasht. Die vijfde plaats op het WK was echt een bevrijding. Het was voor mij een bevestiging dat ik mijn plaats bij de top waard ben.”

“Ervaring” noemt ze haar grootste handicap tegenover de gevestigde wereldtoppers. “Zoals het er nu naar uitziet, zal ik met mijn 21 jaar de jongste deelneemster zijn. Daarnaast hebben de concurrentes uit landen als Duitsland, Engeland en de Verenigde Staten een hele machine achter zich. Hier in België doen we ons best en geniet ik een enorme steun van het BOIC, maar dat kan je toch niet vergelijken met bijvoorbeeld de Duitsers of de Engelsen. Dat zijn wintersportnaties die alles over hebben voor medailles. Zij beschikken over veel meer mogelijkheden.”

Meylemans leeft wel fulltime voor het skeleton. Ze zette onder meer haar studies hotelmanagement in Brussel tijdelijk stop. “Het was een moeilijke keuze maar zeker na deze zomer ben ik heel blij dat ik het gedaan heb. Nu kan ik naar Pyeongchang trekken in de wetenschap dat ik er alles voor zal hebben gedaan om er maximaal te presteren. Na de Spelen ben ik wel van plan mijn studies af te werken. Dan zal ik er ook de tijd voor hebben. De volgende Spelen zijn dan vier jaar verder.”

Maar eerst dus Pyeongchang. Droomt ze van een medaille? “Natuurlijk wel”, lacht Meylemans. “Ik sta elke ochtend op met die gedachte en ga er elke avond mee slapen.”