Chemiereuzen hielden pen vast voor advies over glyfosaat
Foto: belga
Het Europees Voedselagentschap EFSA heeft bij de beoordeling van studies over glyfosaat delen letterlijk overgenomen uit teksten van de producenten.

Als het van de Europese Commissie afhangt, krijgt onkruidverdelger glyfosaat – vooral bekend door het product Roundup van Monsanto – binnenkort een nieuwe vergunning voor tien jaar voor de Europese markt. Glyfosaat zou niet kankerverwekkend zijn, klonk het al eind 2015 in het officiële advies van het Europese Voedselagentschap EFSA. Maar nu rijzen weer ernstige twijfels over hoe het EFSA tot de conclusie is gekomen en of de beoordeling wel in alle onafhankelijkheid gebeurde. 

Uit een analyse van de risicobeoordeling waarop het EFSA zich baseert, blijkt dat hele delen van die tekst letterlijk zijn overgenomen uit documenten die de glyfosaatproducenten hebben aangeleverd. De bedrijven hebben er alle belang bij om glyfosaat zo onschadelijk mogelijk voor te stellen.

Heikele thema’s

Over geen andere onkruidverdelger is er de laatste jaren zoveel heisa geweest als over glyfosaat. Wetenschappers, overheden en ngo’s geraken het er niet over eens of de stof al dan niet kanker veroorzaakt en dus verboden moet worden. Er zijn nochtans honderden gepubliceerde wetenschappelijke studies over de effecten van glyfosaat voor de gezondheid. Een deel daarvan heeft het EFSA behouden  voor zijn advies over glyfosaat (naast geheime data die de ­bedrijven hebben aangeleverd). Maar welke publieke studies opgenomen werden in de risicobeoordeling en welke studies als ‘betrouwbaar’ en ‘niet-betrouwbaar’ bestempeld werden, werd overgelaten aan de ‘Glyphosate Task Force’, het verbond van de glyfosaatproducenten, waaronder Monsanto en Bayer. Nu wordt duidelijk dat die literatuurstudie mogelijk niet alleen het startpunt was voor het EFSA voor verdere eigen analyse, maar dat hele delen van de tekst die de industrie had aangeleverd, ongewijzigd tot in een van de finale EFSA-documenten is geraakt.

De Duitse overheidsdienst Bundesamt für Risikobewertung (BfR) leverde het voorbereidende werk voor het EFSA. BfR schrijft dat het niet in staat was om zelf de wetenschappelijke literatuur door te nemen en dat het zich dus baseert op het werk van de Glyphosate Task Force. Uit tekstvergelijking blijkt dat de conclusies van de Glyphosate Task Force ook letterlijk werden overgenomen als het gaat over de mogelijke effecten van glyfosaat op ons DNA, op de voortplanting en over de vraag of het kanker veroorzaakt. Dat zijn net de heikele thema’s waarover er zoveel te doen is.

‘Dat het BfR hulp vroeg voor de literatuurstudie, was al langer bekend. Maar dat er een letterlijke overname in de finale EFSA-documenten geraakt is, vinden we schandalig’, zegt Martin Pigeon, die het gelobby rond glyfosaat volgt voor de ngo Corporate Europe Observatory.

De vondst van de letterlijke passages, in de bijlage van het EFSA-rapport dat meer dan 4.000 bladzijden telt, werpt de vraag op of er voldoende kritisch is omgegaan met de informatie van de glyfosaatproducenten. Het is onduidelijk of het EFSA als eindverantwoordelijke wel grondig is nagegaan of de beoordeling (relevant/niet relevant) die de industrie heeft gemaakt, wel juist is.

Volledig overzicht?

Peter Clausing, een Duitse toxicoloog die in opdracht van de ngo Pestizid Aktions-Netzwerk alle EFSA-documenten rond glyfosaat heeft doorgenomen, zegt dat het ‘in theorie’ geen probleem vormt dat de industrie een overzicht maakt van de wetenschappelijke literatuur. ‘Maar in mijn analyse werd wel duidelijk dat de overheden niet op een degelijke manier zijn nagegaan of dat overzicht volledig is. Er zijn bijvoorbeeld belangrijke wetenschappelijke papers niet opgenomen over een bepaald mechanisme waarmee glyfosaat kanker kan uitlokken.’

In de volgende fase, waarbij lidstaten en ngo’s bedenkingen konden uiten over het rapport, werd dat hiaat niet goedgemaakt, aldus Clausing. Dat teksten letterlijk van de industrie tot in het finale document zijn geraakt, verbaast hem daarom niet.

Ook Europees Parlementslid Bart Staes (Groen), die het glyfosaatdossier op de voet volgt, zegt niet verbaasd te zijn dat de industrie zo’n belangrijke impact heeft gehad. ‘Dit zou elke democraat kwaad moeten maken’, zegt hij. ‘De macht van kapitaalkrachtige bedrijven als Monsanto om regelgeving, wetgeving en ook wetenschappelijk onderzoek en Europese procedures naar hun hand te zetten, is echt enorm. Het EFSA heeft nu niet de financiële middelen om behoorlijk zijn werk te doen. Maar dat ligt lastig in tijden van besparingen.’