Interpol: Huilen in de achteruitkijkspiegel
Foto: Koen Bauters

Vijftien jaar geleden vatte Interpol met Turn on the bright lights de ziel van New York, een geblutste stad op zoek naar licht.

De erfenis van Joy Division en Echo & the Bunnymen werd omgezet in mistroostige liedjes, gedragen door kille gitaren, galmende drums en de sombere bariton van Paul Banks. Postpunk was helemaal terug.

Vandaag spelen de zwartjassen hun debuut integraal. Easy money? Suffe nostalgie? Inspiratie opgedroogd? Misschien, maar zonder een echte classic te zijn omarmt hun magnum opus wel de claustrofobie en wanhoop die destijds de stad in een wurgreep hielden. Alleen nu op wereldschaal.

En kijk, twee jaar geleden maakte Interpol, een uitgebluste indruk, maar daar was in de Marquee nog weinig van te merken. Banks, die er met zijn baardje een beetje scruffy uitzag, stond vroeger weleens verveeld op het podium. Dit keer leek hij te genieten van elke seconde, we ontwaarden zelfs een glimlach na ‘Hands away’.

Om het uur te vullen trakteerden de Amerikanen op een voorafje met ‘Not even jail’ en hitje ‘Evil’, nummers van zijn doorbraakplaat Antics. Daarna weerklonken de melodieuze bassen en huilende gitaren van ‘Untitled’ over ‘NYC’ en ‘Stella was a diver and she was always down’, helemaal tot aan het gaatje van ‘Leif Erikson’.

Voorbij de voorspelbaarheid - elk nummer werd op gejuich onthaald - hoorden we een vitale band, die met verbazend veel gevoel en friste in de achteruitkijkspiegel keek. Alleen: wat brengt de toekomst?

Interpol, gezien op Pukkelpop op 17 augustus 2017.