Meeste vlindersoorten beleven een topjaar
Een dagpauwoog Foto: rr

De meeste soorten dagvlinders beleven een topjaar in vergelijking met het gemiddelde van de voorbije jaren. Ze zijn er ook vroeger bij dan gewoonlijk. Dat blijkt uit gegevens van de natuurdatabank waarnemingen.be. Een verklaring moet wellicht gezocht worden in het weer van de afgelopen maanden. Dat meldt Natuurpunt.

Eerder dit jaar bleek al dat enkele grotere vlindersoorten (Kleine ijsvogelvlinder, Grote weerschijnvlinder, Keizersmantel) vaker gezien worden dan gemiddeld en dat ze tot ver buiten hun gekende leefgebieden konden uitzwermen. Intussen krijgen we nu ook al een zicht op de lentegeneraties van verschillende vlindersoorten - en die bevestigen die positieve trend.

Meeste vlindersoorten beleven een topjaar
Een citroenvlinder Foto: rr

Het meest opvallend zijn de grote aantallen van de Dagpauwoog en de Citroenvlinder. Ook de Gehakkelde aurelia wordt meer dan gemiddeld gezien. Tot slot lijkt ook het Landkaartje een goed seizoen te beleven, wat ook in Nederland werd vastgesteld. Momenteel vliegt de zomergeneratie van deze vlinder, die er met zijn zwarte vleugels met witte banden helemaal anders uitziet dan de voorjaarsgeneratie.

Op een paar uitzonderingen als de Kleine vos na, zien we voor de meeste vlindersoorten een gelijkaardig patroon: een hoog aantal vlinders bij de overwinteraars, een prima eerste generatie en zomergeneratie die het nog beter doet. Bovendien vliegen de meeste soorten twee tot drie weken vroeger dan normaal. Zelfs voor soorten die een minder goed voorjaar kenden, zoals het Bruin blauwtje, lijkt de tweede generatie toch een groot succes.

Weer is bepalend

Een verklaring voor deze opvallende stijgingen moet waarschijnlijk vooral gezocht worden bij het weer. Het najaar van 2016 was al gunstig voor veel vlindersoorten. En in 2017 was het warm in de optimale periode voor vlinders. De koudedip van april heeft daar blijkbaar niet veel effect op gehad.

Meeste vlindersoorten beleven een topjaar
Kleine Vos Foto: BELGA

Wanneer vlinders talrijker zijn, kunnen ze zich sterker verspreiden, en verhogen de kansen op een goede volgende generatie. Dit biedt voor een aantal soorten die het de voorbije jaren slecht deden, kansen op herstel. Zo worden er na verschillende mindere jaren eindelijk nog een keer meer Icarusblauwtjes gezien boven onze graslanden. En zelfs de Koninginnenpage, die de laatste jaren steevast achteruitging, lijkt dit jaar weer talrijker.

Het mooie weer houdt ook in dat een vlindergeneratie sneller voorbij kan zijn: warme periodes zorgen ervoor dat veel vlinders tegelijkertijd uit de pop komen, waardoor de piek sterker geconcentreerd kan zijn, maar de vliegperiode korter.

Eén topjaar redt de vlinders niet

Het valt af te wachten of de verschillende vlindersoorten ook op langere termijn kunnen profiteren van dit goede seizoen. Er zijn nog altijd veel minder insecten dan pakweg 25 jaar geleden en tal van soorten zijn zelfs uitgestorven. Misschien is zo’n goed jaar dus vooral relatief.

‘Toch is het tegelijk ook hoopgevend’, zegt Natuurpunt. ‘Het toont aan dat soorten zich op korte termijn kunnen herstellen, wanneer de kaarten goed liggen.’