De Block zet mes in psychische begeleiding: ‘Een absolute ramp’
Foto: BELGA

De dagpsychiatrie voor jongeren dreigt te imploderen nu het personeelsbudget gehalveerd wordt.

Bitter nieuws voor minderjarigen met psychische problemen: het personeelsbudget voor therapeuten in de dagpsychiatrie slinkt met de helft. ‘Dit gaat om getraumatiseerde jongeren die soms dagelijks aan zelfmoord denken. Ik begrijp deze besparing helemaal niet’, zegt kinderpsychiater Peter Adriaenssens.

Even de achtergrond schetsen. Kinderen met allerlei ernstige psychische en psychiatrische aandoeningen werden vroeger vaak in gesloten instellingen behandeld, afgezonderd van de samenleving. Hoewel die isolatie rust en kalmte moest bieden, gaf ze sommige inwoners net meer stress. Wat het herstelproces bemoeilijkte. Daarom ontwikkelden therapeuten een meer open model van dagbehandeling.

In dat systeem gaan jongeren overdag naar de afdeling kinder- en jeugdpsychiatrie in een algemeen ziekenhuis in de buurt, waar ze zeven uur lang allerhande sessies krijgen, zowel op groepsbasis als individueel, met als enige bedoeling het vertrouwen in zichzelf te herstellen.

Na dat intensieve werk (dat verschillende soorten therapie met elkaar combineert) mag de jongere elke avond terug naar huis, naar de vertrouwde omgeving.

Lange wachtlijsten

Samen met het ziekenhuis van Jette telt Vlaanderen ongeveer tachtig van die plaatsen, en die zijn nodig, getuige de lange wachtlijsten.

De dagelijkse begeleiding van een groep van acht jongeren bestaat doorgaans uit twee begeleiders, eventueel aangevuld met gespecialiseerde therapeuten. In dat personeelsbudget heeft federaal minister van Volksgezondheid Maggie De Block (Open VLD) nu fors het mes gezet. In drie jaar tijd slinkt het zelfs met de helft.

‘Daarmee keert de sector terug naar de situatie van 1964’, vertelt Linda Van Grootel van ZNA Antwerpen. ‘Hulpverleners worden gestraft omdat ze duurzame resultaten willen boeken’, aldus Catherine Klockaerts van KPC Genk.

Dat de minister die beslissing pas vrijdag communiceerde, zonder voorafgaand overleg met de sector, maakt de pil alleen maar moeilijker om te slikken. ‘Dit komt echt uit de lucht gevallen’, zegt Adriaenssens. ‘Dit zal op termijn de samenleving letterlijk duur komen te staan.’

De Block, die werkt aan een hervorming van de financiering van de ziekenhuizen, verdedigt haar keuze. Haar redenering? Het systeem van dagbehandeling wordt gefinancierd alsof het ook een avondcomponent kent. ‘Maar als de jongeren terugkeren naar huis, vallen die kosten weg’, zegt haar woordvoerder, die benadrukt dat het niet om een besparing gaat. ‘Het geld dat zo vrijkomt, verdwijnt niet, maar gaat naar andere medische sectoren, die evengoed geld nodig hebben. De minister probeert de middelen zo eerlijk mogelijk te verdelen.’

Maar nu dat budget versluisd wordt (een slordige zeven miljoen) komt niet alleen de reguliere werking in gevaar, ook andere initiatieven komen in het gedrang – nota bene initiatieven op vraag van Jo Vandeurzen (CD&V), Vlaams minister van Welzijn. Die vroeg vorig jaar aan de sector om ideeën te ontwikkelen om de psychiatrische zorg voor jongeren nog toegankelijker te maken, en ook te focussen op groepen die nu uit de boot vallen, zoals minderjarige getraumatiseerde vluchtelingen. Dat moest in totaal 141 extra dagplaatsen opleveren.

Vandeurzen is naar verluidt ‘not amused’ over de beslissing van De Block, die het dan weer niet vindt kunnen dat Vandeurzen met de pluimen gaat lopen, terwijl zij moet betalen – een gevolg van de zesde staatshervorming.