Al 22 jaar prijkt Rammstein bovenaan de metalvoedselketen. Dat maakt het vooral hallucinant dat ze nooit eerder Graspop aandeden. Dit jaar strikte de organisatie hen toch, en leverde dat meteen een uitverkochte vrijdag op.

Een bomvolle wei kreeg een veelzeggend openingssalvo: twee gitaristen zakten uit het dak, er werd genoeg vuurwerk afgestoken om de nationale feestdag jaloers te maken, en zanger Till Lindemann tapdanste tot zijn bolhoed ontplofte.

Wat volgde was een rits klassiekers als ‘Feuer frei’, ‘Du riechst zo gut’ of ‘Keine lust’, die meer bijgedragen hadden tot het Teutoonse vocabularium van de aanwezige fans dan een hele generatie leerkrachten Duits. ‘Mir ist kalt’, zuchtte Lindemann in dat laatste nummer. Maar de wei kreeg het er warm van.

Zij leken er niet om te malen dat dit nog steeds dezelfde show is waarmee Rammstein vorig jaar Werchter inpakte. Hier kwam hij dan ook zoveel meer tot zijn recht: ook in Rammstein-loze jaren is het aantal band-shirts op Graspop amper bij te houden. Nu was het helemaal buitenproportioneel.

Bombast, balorigheid, een fikse dosis zelfspot en retestrakke gitaren: het zou zowel Graspop als de Duitse band kunnen samenvatten. Rammstein heeft met Dessel een nieuwe Heimat beet. Nu nog eens terugkomen met nieuw werk en een dito circus, en ze mogen zich domiciliëren.

Rammstein vindt een Heimat
Foto: Koen Bauters
Rammstein vindt een Heimat
Rammstein vindt een Heimat
Foto: Koen Bauters
Rammstein vindt een Heimat
Foto: Koen Bauters