Wanneer de Vlaming de nieuwkomer wordt
Foto: Gert Jochems
Hoe gedragen Vlamingen zich in buurten waar ze zelf een minderheid zijn? dS Weekblad ging met de Nederlandse socioloog Maurice Crul op stap in Oud-Berchem, waar superdiversiteit op schurende maar fascinerende wijze lijkt te werken. ‘De mensen gaan niet bij elkaar op de schoot zitten. En dat is wellicht prima zo.’

‘Het maatschappelijke debat gaat over grote ideologische onderwerpen als de plek van de islam in de samenleving, vrouwen- en homorechten', zegt Maurice Crul. 'Maar als je met de mensen gaat praten in de buurten gaat het om de kleine interacties die in het grote debat weinig betekenen maar wel het verschil maken.' En dat is precies wat dS Weekblad deed: een wandeling maken in Oud-Berchem en luisteren naar hoe mensen daar samenleven. Zaterdag in dS Weekblad, vandaag al een voorproefje. 

‘Nu wil Mohammed van achter de hoek vrienden met me worden op Facebook. Maar dat zie ik niet zitten.’ Suzy Wuyts, uitbaatster van de boetieks 3B en Hip Hop, rolt met haar ogen. ‘Het gaat op zijn pagina van Allah hier en Allah daar, ik wil daar niets mee te maken hebben.’ Dan zalft ze haar woorden met een glimlach. ‘Ik heb niets tegen Mohammed, hoor. Sympathieke buurman. Als ik een ladder nodig heb, moet ik maar bij hem aankloppen.’

We zijn in Oud-Berchem op stap met Maurice Crul, de hoogleraar Onderwijs en Diversiteit van de Vrije Universiteit Amsterdam die de komende vijf jaar onderzoek zal doen in steden en buurten waar geen meerderheid meer is. In de passeggiata door de levendige Statiestraat en Driekoningenstraat lees je wat dat wil zeggen: vrouwen van Turkse of Marokkaanse origine met hoofddoeken lopen naast Vlaamse hipsters. Er zijn Bulgaren, Roemenen, Russen en Polen die vanaf de jaren negentig instroomden in de wijk. En Afrikanen uit Nigeria, Mali en Ivoorkust. Aziaten, vooral uit Afghanistan. Latino’s – op zondag vergezeld van piekfijn uitgedoste Afrikaanse kerkgangers die een van de vele evangelische kerken bezoeken in de wijk. Dit is het deel van Berchem tussen de spoorweg en de Grote Steenweg, waar invloeden uit alle instreken bijdragen tot een veelkleurige mix – in niets te vergelijken met het bobo-Berchem aan de andere kant van de spoorweg.

‘Wat mij intrigeert en wat je ook in sommige wijken in grote Nederlandse steden ziet,’ zegt Maurice Crul, ‘is de omkering van de realiteit. De Vlamingen zijn hier deels de nieuwkomers, de migranten en hun nakomelingen al jaren gevestigde waarde. Wie is dan “oud” en “nieuw” in de wijk? We hebben altijd gekeken naar hoe de migranten integreren. De realiteit vraagt erom de focus te verleggen naar de autochtone groep. Hoe doen zij het in wijken waar ze een minderheid zijn? Met wie gaan ze om? Hoe ervaren ze hun buurt?’

Voor dat grootschalige BAM-project (Becoming A Minority) kreeg Crul een Europese werkbeurs van 2,5 miljoen euro. Hij zal met zijn team zes Europese steden onder de loep nemen, waaronder Antwerpen. ‘Deze stad zit op dat bewuste kantelpunt’, zegt hij. ‘Iets minder dan de helft van de bevolking is er nog van Belgische origine. Dat zal iets veranderen.’

Turkse huisbazen

De buurt in Berchem zou een kruitvat kunnen zijn. Met zijn leegstand, de steeds nieuwe golven van bewoners en de grote sociaaleconomische verschillen. En toch ontploft het niet. Hoe komt dat? Waarom lukt hier wel wat in wijken als de Seefhoek of Borgerhout veel moeilijker is?

Een zaligmakend recept is er niet, maar er zijn wel ingrediënten. Zoals de vaststelling dat geen enkele groep dominant is. ‘Door de veelheid aan culturen is iedereen een beetje vreemdeling’, stelt Frans Lelie vast. Ze is manager van het BAM-project en loopt met ons mee door Berchem. Er is het brede weefsel van winkels en diensten, waar iedereen binnen en buiten loopt. De Turkse kapper koopt ’s morgens nog snel een haarproduct bij de Afrikaanse winkel aan de overkant. De Vlaamse bediende gaat na kantooruren bij de exotische buurtwinkel boodschappen doen. Iedereen gaat om met iedereen. 

Bij die contacten is het Nederlands de voertaal. Soms met handen en voeten, zoals wanneer de Afrikaanse winkelier iets probeert uit te leggen aan zijn Poolse klant. Het is de taal die iedereen deelt, geen andere haalt de bovenhand. Paradoxaal genoeg heeft de superdiversiteit hier geleid tot een versterking van het Nederlands, niet tot een verzwakking ervan.

Wat ook speelt: de opwaartse sociale mobiliteit van de Turken die als eerste nieuwkomers in de wijk neerstreken. De tweede en derde generatie levert dokters, advocaten en boekhouders af. Ze baten doe-het-zelfzaken en bouwondernemingen uit en stellen op hun beurt migranten te werk. Ze worden de nieuwe huisbazen. ‘Een nieuwe middenklasse die zorgt voor een stevige onderbouw in de buurt’, meent Crul.

Zaterdag leest u in dS Weekblad het volledige verslag van de wandeling door Berchem met socioloog Maurice Crul, en de gesprekken met de buurtbewoners. ‘Helaas zitten we gevangen in een debat over diversiteit dat vooral gevoerd wordt door niet-stadsbewoners, met achterhaalde concepten. Het echte debat over hoe we gaan samenleven in superdiverse steden moet nog beginnen.’

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig