‘Volwassen worden is niet meer van deze tijd’
Foto: Dockx & Verbraekel
Het was een pertinente vraag de afgelopen weken: zijn 16-jarigen volwassen genoeg om hen al stemrecht te geven? Neen, besliste de politiek, maar wat is volwassen? En wie wil het nog worden? ‘Het begint ons te dagen dat onafhankelijkheid een illusie is.’

Wanneer worden we volwassen? Een vraag die niet zomaar te beantwoorden is. Een nieuwe definitie van volwassenheid dringt zich op. dS Weekblad gaat er zaterdag, samen met u, naar op zoek. Hieronder leest u alvast een voorproefje.

Na enkele weken debatteren hebben onze politici besloten dat zestienjarigen onvoldoende matuur zijn om politieke beslissingen te nemen. Het stemrecht vanaf 16 jaar komt er niet. Wel mogen ze roken en alcohol drinken, in tegenstelling tot hun leeftijdsgenoten in verschillende andere landen die daarvoor moeten wachten tot hun achttiende verjaardag. Want op die leeftijd zijn we volwassen, zo heet het officieel. Een erg arbitraire grens – beseffen ook onze wetgevers, die 18-jarigen nog drie jaar laten wachten voor ze een casino binnen mogen.

Volgens sociologen zijn er traditioneel vijf mijlpalen die de volwassenheid kenmerken: een opleiding afmaken, het ouderlijke huis verlaten, financiële onafhankelijkheid, het huwelijk en een kind krijgen. Die ijkpunten lijken verouderd: generatie na generatie bereiken we ze later of nooit.

Generatie Y (de millennials) studeert langer dan ooit. Ze doen meer jaren dan nodig over hun studies en nemen er gretig nog een tweede opleiding bij. Een MaNaMaatje hier, een gap year daar en tussendoor nog wat vrijwilligerswerk in Afrika, voor ze aan een echte job beginnen. 

Dat langer studeren eist bovendien zijn tol in de portemonnee. We zijn steeds later financieel onafhankelijk. Daarbij komt dat Hotel Mama aanlokkelijker blijkt dan ooit. We trekken er moeilijker de deur achter ons dicht en als we dat toch hebben gedaan, keren we jaren later terug naar het ouderlijke nest. Na een relatiebreuk bijvoorbeeld. Het huwelijk tot de dood ons scheidt, is een concept waar we steeds minder in geloven. We proberen eerst verschillende partners uit voor we trouwen. Áls we al trouwen, want dat is niet langer een vanzelfsprekend doel. Net als het krijgen van kinderen trouwens, en als we al vader of moeder worden, doen we dat – u raadt het – op almaar latere leeftijd. 

Het leidt niet alleen tot wanhoop bij ongeruste ouders, maar ook tot pessimisme bij prominente sociologen, die spreken van een Peter-Pandemie – u weet wel, naar Peter ‘I refuse to grow up’ Pan. Frank Furedi stelt botweg dat volwassenheid meer en meer infantiel wordt. Maar is die beschuldiging wel fair? Kun je volwassenheid toetsen aan de hand van mijlpalen die in een sterk veranderde maatschappij obsoleet zijn geworden?

Een nieuwe definitie van volwassenheid dringt zich op. In een poging daartoe te komen, heb ik uw hulp ingeschakeld. Op de website van De Standaard plaatste ik een oproep aan onze lezers: Wanneer bent u echt volwassen geworden? Welke gebeurtenis, verandering of ervaring luidde die overgang in? 

Tom: ‘Je bent volwassen op het moment dat je beseft dat alle anderen ook maar doen alsof, aanrommelen, blindvaren, beslissingen nemen op goed geluk. Best een angstaanjagend moment. Ik weet niet meer precies wanneer het mij begon te dagen. Een ander kantelpunt: de geboorte van mijn eerste kind. Ik was 30 en er overviel mij een immens gevoel van verantwoordelijkheid. Ineens moet je voor iemand anders zorgen dan alleen voor jezelf. Toen ben ik volwassen geworden, maar het is niet blijven duren. Zodra je kinderen zelfstandig beginnen te denken, herval je weer.’ 

Zaterdag leest u in dS Weekblad meer over onze huidige cultuur die afkerig is van alles wat naar volwassenheid ruikt. 'Jeugdigheid is het na te streven ideaal.'