Met onverwacht grote zege voor Rohani kiezen Iraniërs voor hervorming
Foto: Photo News

De gematigde hervormer Hassan Rohani (68) heeft een onverwacht grote zege geboekt in de eerste ronde van de Iraanse presidentsverkiezingen. De Iraniërs willen het anders, maar er zijn grenzen in de islamitische republiek.

De grote vraag rond de Iraanse presidentsverkiezingen, vrijdag, was of de massa die het land een andere koers wil zien inslaan, nog de moeite wou doen om te komen stemmen. Dat hebben ze wel degelijk gedaan. Terwijl de opiniepeilingen voorspelden dat president Hassan Rohani zo’n 40 procent van de stemmen zou krijgen – waarna er een tweede ronde zou nodig zijn – bracht liefst 57 procent van de Iraanse kiezers hun stem uit voor Rohani.

Zijn belangrijkste rivaal, hardliner Ebrahim Raisi, strandde op 38 procent, ook al had hij de steun van het conservatieve establishment en van de machtige Revolutionaire Garde – deels een gewapende militie die buiten elke parlementaire controle valt, deels een machtsapparaat dat een groot deel van de nationale economie controleert.

Clericus

De president heeft in Iran niet dezelfde invloed als in andere landen. Na de revolutie van 1979 voerde ayatollah Ruhollah Khomeini een islamistisch systeem in waarbij er een president is, maar ook een ‘Opperste Leider’ die zowel de hoogste geestelijke als de politieke macht uitdraagt. Khomeini’s enige opvolger tot nog toe, Ali Khamenei, is intussen 78 en bij deze presidentsverkiezingen speelde ook de vraag mee hoe de Iraniërs de toekomst van hun islamitische republiek na Khamenei zien.

Bij gebrek aan een nieuwe revolutie – protesterende studenten werden in 2009 van de straten van Teheran geschoten – hebben de Iraniërs vrijdag met Rohani overtuigend gekozen voor zoveel hervorming als mogelijk is binnen hun strakke systeem. Rohani is zelf een clericus, geen opposant, maar sinds zijn eerste verkiezing in 2013 heeft hij wel geprobeerd om het land meer te openen en ietwat te liberaliseren.

In de verkiezingscampagne trok hij, naar Iraanse normen, onder meer hard van leer tegen de Revolutionaire Garde en zijn tegenkandidaten die daarbij aanleunden. Op een verkiezingsmeeting hekelde hij hen als ‘diegenen die tongen hebben uitgesneden en monden hebben dichtgenaaid’. Zijn belangrijkste rivaal, Ebrahim Raisi, was in 1988 een van de vier rechters die duizenden opposanten ter dood veroordeelden.

Nucleair akkoord

Rohani is ook de man van het internationale nucleaire akkoord, waarbij Iran belooft geen militair kernwapenprogramma te ontwikkelen en daar inspecties op toelaat, in ruil voor de opheffing van internationale economische sancties tegen het land. De concrete gevolgen daarvan hebben voorlopig nog weinig soelaas gebracht voor de grote, jonge bevolking van Iran – een van de redenen waarom werd getwijfeld of ze wel de moeite zouden doen om nog eens voor Rohani te gaan stemmen.

Met zijn onverwacht grote zege van vrijdag krijgt Rohani een mandaat van de kiezers om het land verder te liberaliseren. De vraag is hoe ver hij daarin wil en mag gaan.

‘In de laatste twee decennia van presidentsverkiezingen waren er altijd enkele dagen van euforie, gevolgd door jaren van ontgoocheling’, zei Karim Sadjadpout van de Amerikaanse denktank Carnegie aan het persagentschap Reuters. ‘Democratie mag in Iran altijd om de vier jaar enkele dagen bloeien, terwijl het autoritaire regime intussen almachtig blijft.’