‘Illusie dat Belgische bedrijven hier blijven met huidige elektriciteitsprijs’
Foto: Bart Dewaele

De elektriciteitsprijzen zadelen Belgische industriële grootverbruikers nog altijd op met een groot concurrentienadeel ten opzichte van de buurlanden, met een meerkost die oploopt tot veertig procent. Dat blijkt uit een studie van de federatie van industriële energieverbruikers Febeliec.

‘Het is een illusie te denken dat de industrie in deze omstandigheden zal blijven groeien en bloeien. Bedrijven zullen gaan naar landen waar het goedkoper is, zo simpel is het’, zegt Febeliec-voorzitter Luc Sterckx.

De Febeliec-studie, die nu al voor het vijfde jaar op rij werd uitgevoerd, toont aan dat de elektriciteitsprijzen voor grootverbruikers in ons land nog altijd gevoelig hoger liggen dan in Frankrijk, Nederland en vooral Duitsland.

Bedrijven met een jaarlijks verbruik tussen 100 en 1.000 GWh betalen tussen tien en veertig procent meer voor elektriciteit dan concurrenten in de buurlanden. Dat verschil is licht gedaald in vergelijking met vorig jaar: de marktprijs kon naar beneden door een grotere beschikbaarheid van de Belgische kerncentrales, en ook de taksen op elektriciteit daalden. Toch blijft het verschil ‘substantieel’, en dan vooral met Duitsland, meent Sterckx.

Hoge netwerkkost

Grote boosdoener is de netwerkkost. Grote verbruikers krijgen in de buurlanden kortingen tot 90 procent op de transport van elektriciteit. Dat systeem bestaat in ons land niet. Febeliec herhaalt dan ook haar pleidooi voor de invoering van een energienorm, die de verschillen met de buurlanden moet wegwerken.

‘De resultaten blijven bijzonder onrustwekkend. Nog meer onrustwekkend is dat ondanks concrete engagementen in de verschillende regeerakkoorden om een energienorm in te voeren, concrete actie al jaren uitblijft’, meent Sterckx. ‘Als dit zo blijft zullen bedrijven verhuizen naar waar het goedkoper is, zo simpel is het.’

Grootste handicap in Wallonië

In Wallonië is de handicap het grootst. Een bedrijf met een verbruik van 100 GWh per jaar betaalt in Wallonië gemiddeld 1,8 miljoen eruo per jaar meer aan elektriciteit dan een concurrent in de buurlanden. In Vlaanderen bedraagt dat prijsverschil 1,1 miljoen euro. Voor de allergrootste afnemers, met een verbruik van 1.000 gigawattuur per jaar, zijn de verschillen tussen Vlaanderen en Wallonië nog groter. Een bedrijf in Vlaanderen betaalt dan gemiddeld 4,8 miljoen euro meer per jaar, een Waals maar lieft 6,4 miljoen.

Het goede nieuws is dat het prijsverschil in vergelijking met 2016 wel licht gedaald is: de marktprijs kon naar beneden door een grotere beschikbaarheid van de Belgische kerncentrales, en ook de taksen op elektriciteit daalden. Toch blijft het verschil 'substantieel', en dan vooral met Duitsland, meent Sterckx.

Creg trok soortgelijke conclusies

In een rapport dat enkele weken geleden gepubliceerd werd, kwam de federale energiewaakhond Creg al tot dezelfde conclusie: het overgrote deel van de bedrijven in ons land betalen een pak minder voor energie dan de concurrentie in de buurlanden, maar voor een kleine groep grootverbruikers is die situatie volledig omgekeerd. De Creg denkt in opdracht van Energieminister Marie-Christine Marghem (MR) na over mogelijke maatregelen. Bedoeling is wel om 'een deel van het huidige concurrentievoordeel voor niet-elektrointensieve verbruikers te behouden'.

Ook Febeliec wil de stroomfactuur voor particulieren of kleinere industriële verbruikers niet per se de hoogte in jagen. 'We vragen die energienorm niet uit een egoïstische reflex van ‘enkel grootgebruikers betalen minder en de rest kan stikken', zegt Sterckx. 'We moeten gewoon verstandige keuzes maken over hoe we in dit land elektriciteit produceren. Bovendien werkt een competitieve industrie herverdelend voor het hele land en volgen daaruit ook voordelen voor werknemers en particulieren.'

U wil onze betalende artikels lezen maar nog geen abonnement nemen? Meld u aan en proef gratis van  plus-artikels.

Lees gratis ›

Geen betaalgegevens nodig