De extreemrechtse kandidaat Marine Le Pen en de centrist Emmanuel Macron stoten door naar de tweede, beslissende ronde van de Franse presidentsverkiezingen. Macron heeft de hoofdvogel afgeschoten, maar wordt door Le Pen op de voet gevolgd.

Uit de laatste peilingen voor de stembusgang was al duidelijk geworden dat de eerste ronde van de presidentsverkiezingen een echte nek-aan-nekrace zou worden. Bij het binnenstromen van de resultaten bleek dat ook zo te zijn in de effectieve cijfers. Met een nipte voorsprong kwam Emmanuel Macron snel op de eerste plaats te staan, maar een goed uurtje later stond Marine Le Pen op één. Rond 22 uur kwam Macron evenwel opnieuw bovenaan te staan, en dat veranderde de rest van de avond niet meer.

Uit cijfers die rond middernacht de wereld ingestuurd werden, kwam Macron met iets meer dan 23 procent op kop te staan. Net iets meer dan een halve procentpunt later stond Le Pen op twee. François Fillon en Jean-Luc Mélenchon strandden beiden in net onder de kaap van 20 procent.

Zoals verwacht was de zwaarste klap voor de PS, de partij van de aftredende president Hollande. Kandidaat Benoît Hamon behaalde net iets meer dan 6 procent van de stemmen, en hij was de eerste om zijn nederlaag toe te geven.

Geen van de overige kandidaten slaagde erin meer dan 5 procent van de stemmen binnen te halen: 4,98 procent ging naar Nicolas Dupont-Aignan, Jean Lassalle kreeg 1,29 procent, Philippe Poutou 1,14 procent, François Asselineau 0,90 procent, Nathalie Arthaud 0,68 procent en Jacques Cheminade 0,18 procent.